Posts tonen met het label wetenschap. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wetenschap. Alle posts tonen

donderdag 1 december 2016

December * Waarom psychologiseren, boeddhisten * Emergente zwaartekracht en wat boeddhisme * Amerikaanse boeddhisten & Donald Trump (en wij)   * Podcast  * Geen leraar worden  * Einde Maandblad


Stevige kost, dit december-nummer van m'n maandblad, het laatste nummer.
Met een dubbele uitsmijter en vijf bijlagen.
Met moderniteit, actualiteit en een snufje eeuwigheid, althans tijdloosheid.

Update 4 december
Voor de mensen die boeddhistische blogs gaan missen.
Met de bekende Amerikaanse bescheidenheid aangekondigd:
' De vijftig Beste Boeddhistische Blogs van de Planeet '
De beste Engelstalige dan toch. Want de mijne komt er bv niet in voor.
Heel veel onbekende trouwens, veel te lezen dus.

=====================================================================

Boeddhisme is geen toegepaste psychologie
Minder psychologiseren in de beoefening


Een pleidooi voor het minder gebruiken van concepten uit de psychologie (welke dan ook) in het praten over de Dharma en in de boeddhistische beoefening.
Liefst helemaal niet maar dat is een kansloze missie.
Want het gepsychologiseer is zo diep doorgedrongen in het denken over het boeddhisme, ook in mij trouwens, dat we nauwelijks nog zonder kunnen. Ons geen praten over beoefening zonder psychologische termen kunnen voorstellen.

Eerst een poging tot een omschrijving (een definitie is nauwelijks mogelijk) van 'psychologie' in Wikipedia . Dit artikel maakt een scherp onderscheid tussen de wetenschappelijke en alledaagse of intuïtieve psychologie, zie Bijlage 1
Het lijkt me beter meer vormen dan deze tweedeling te onderscheiden:

(1) Wetenschappelijke psychologie, berustend op wetenschappelijk onderzoek
     Vormen zijn o.a.: arbeids- en organisatiepsychologie, functieleer,
     leerpsychologie, neuropsychologie, sociale psychologie, etc.

(2) Systemen (meervoud!) van psychologische concepten, gehanteerd door psychotherapeuten.
     Bijvoorbeeld psychodynamische therapieën, cliëntgerichte therapieën,
     gedragstherapieën, systeemtherapieën en veel vormen van alternatieve therapie.

(3) Intuïtieve populaire psychologie, zonder wetenschappelijke intenties, gehanteerd door leken
     En vaak gehanteerd door boeddhisten, moet ik aan deze derde vorm toevoegen.

(4) Er is los van dit alles nog een aparte boeddhistische psychologie, te vinden in de
    Abhidhamma, wel systematisch maar niet wetenschappelijk in de hedendaagse
    op toetsbaarheid (falsifieerbaarheid) gerichte opvattingen.
    Het is psychologie en filosofie (met name ethiek ) in één, en wordt ook wel
     'psychologie zonder psyche' genoemd. Zie daarvoor o.a. Nl.wiki  en  En.wiki .

Echter, het gepsychologiseer waar ik het hier over wil hebben, gaat niet over een soort psychologie, gebaseerd op de Abhidhamma. Dat wil zeggen: behoudens uitzonderingen, er zijn aspecten in de vipassana-meditatie die wel op Abhidhamma-concepten zijn gebaseerd.

De psychologie van boeddhisten heeft vooral betrekking op de derde vorm, ook wel te noemen 'psychologie van de koude grond'. Zelden of nooit wordt in boeddhistische teksten die sterk psychologiserend van aard zijn, een system, welk systeem dan ook, van concepten geëxpliciteerd.
Ik generaliseer, er zijn ook best wel artikelen waarin concepten (op de juiste wijze) uit de wetenschappelijke of psychotherapeutische psychologie gebruikt worden, maar dat zijn uitzonderingen. En hebben bovendien het 'nadeel' dat de auteurs niet (of niet in de eerste plaats) boeddhist zijn maar psychologen/psychotherapeuten die over een boeddhistisch thema schrijven.
Als het heel erg is, wordt het soms 'pychobabble' genoemd (en het is soms heel erg).

Dan de aanleidingen

In het artikel over jonge leraren dat ik in september samenvattend publiceerde, stelde één van hen dat de motivatie voor mensen om naar een sangha te komen waarschijnlijk veranderd is. In plaats van interesse in een religieuze ervaring komen ze met belangstelling in meditatie als een hulpmiddel voor echt ontdekken wie ze zijn en hoe beter hun leven te beheren. In deze dagen heb je minder kans om te horen 'Ik hou van de leringen van 'ik wil een boeddhist worden', en meer kans om te horen 'ik ben super gestrest en heb hulp nodig'. Deze nieuwe leraar zei: als je worstelt met verlammende angst en je komt naar het centrum om te worden opgewacht door iemand die je vertelt dat het nodig is om je baan op te zeggen en uw ambitie loslaten, loop je gelijk weg en probeert nooit meer te mediteren. Deze mensen moeten met mededogen tegemoet worden getreden.

Het komt ook van de kant van de leraren zelf en er zit (indirect)ook een economische kant aan de psychologiserende cultuur van het hedendaagse boeddhisme:
Het feit dat veel leraren tevens psychotherapeut (of coach) zijn:
Uit het BD van 17 november: "De Vlaming ... werkt als maatschappelijk werker en psychotherapeut. Hij is zeer geïnspireerd door het boeddhisme, meditatie en psychotherapie vormen volgens hem twee polen van eenzelfde gebied. "
Dat vind ik dus niet: meditatie en psychotherapie zijn helemaal geen polen. Eerder zijn nog fietsenmaken en het boeddhisme twee polen.

Men zou kunnen zeggen dat de leraren de leerlingen  protoprofessionaliseren  in de psychotherapeutische psychologie gedurende hun dharma-gesprekken.
Ben ik tegen die dubbelrol? M'n twijfel is groot: er is het gevaar dat de leerlingen van de leraar op een gegeven moment cliënten van dezelfde persoon, maar dan in de rol van psychotherapeut worden. Of coach of welk nieuw woord ook bedacht wordt om een betaalde functie in de (soms reguliere, soms alternatieve) zorgverlening te omschrijven.
Dus naast het feit dat het verschillende zaken zijn is er ook het probleem van het combineren van de functies.

Een gevolg is ook dat mensen zichzelf gaan therapeutiseren, in therapeutische procestermen hun zieleroerselen beschrijven. En, nog hinderlijker, dat ook van anderen doen; het credo is 'niet oordelen', maar in plaats van een oordeel wordt er een pseudo-neutraal etiket geplakt, bv 'narcist', 'autist' (een etiket als 'neuroot' is net zo als praten over het onbewuste een beetje gedateerd, is m'n indruk).

Het meest opvallend aan de psychologisering in populaire vorm is de nadruk die gelegd wordt op de (eigen) gevoelens van de spreker/schrijver. En op de oorzaken daarvan (in het particuliere verleden, bv de jeugd) en de processen die deze gevoelens en daarmee (?) de persoon ondergaan.
Het zijn ook zelfhulpconcepten die populair zijn. Er zit nogal wat positief denken in, terwijl het oorspronkelijke boeddhisme (zeker de Theravada die in mijn ogen het meest oorspronkelijk is) nogal pessimistisch van aard is.
Terwijl er toch alle reden voor pessimisme in de huidige wereld is, niet waar, Trump-schrikkers?

Het gaat om bundels van psychologische kenmerken en processen waarmee men zichzelf beschrijft of waarmee een leraar de mogelijkheden van een leerling beschrijft.
En vervolgens om de mogelijkheden die processen te beïnvloeden met ervaringen zoals de meditatie-ervaring. Die ervaringen kunnen helend zijn.
Ook komen andere meditatie-ervaringen voor oudere in de plaats: mediteren op metta (liefdevolle vriendelijkheid) en compassie zijn gegroeid in populariteit, ook m.b.t. het aspect dat men daarin liefde en compassie voor zichzelf mag ontwikkelen.
Weinig aandacht daarentegen krijgt een meer tragisch levensbesef van de onvermijdelijke facts of life zoals ouderdom, ziekte en dood.

Het psychologiseren is een lot dat bepaald niet alleen het boeddhisme treft. Vergelijk
het boek Met zachte hand - Opkomst en verbreiding van het psychologisch perspectief :
"Psychologie is in. Populair-psychologische literatuur vindt gretig aftrek, in de media laten psychologen hun licht schijnen over de meest uiteenlopende zaken, het aantal mensen dat wel eens de hulp van een psycholoog inroept neemt hand over hand toe en ook in ons dagelijks leven spelen psychologische inzichten een steeds belangrijker rol.
Deze psychologisering van de samenleving is meer dan een modeverschijnsel. Zij is verbonden met maatschappelijke ontwikkelingen die al aan het einde van de vorige eeuw op gang kwamen. Enerzijds gaat het hierbij om een toenemende individualisering en 'emotionalisering' van het maatschappelijk leven, anderzijds om pogingen het menselijk gedrag in goede banen te leiden. In de vorige eeuw was deze gedragsregulering nog vooral een zaak van medici, dominees en rechters. Allengs heeft de psychologie zich echter een steeds prominenter plaats verworven.
Met zachte hand schetst de geschiedenis van dit psychologiseringsproces. Onderzocht wordt hoe ons leven in toenemende mate object is geworden van psychologische reflectie en bemoeienis. Die bemoeienis beperkt zich niet tot bekende arbeidsterreinen van psychologen, zoals de opvoeding, het onderwijs, de arbeid en de geestelijke gezondheidszorg. Zij strekt zich ook uit tot het leven van consumenten, militairen, vrouwen, gelovigen, misdadigers en vertegenwoordigers van andere culturen.
"

Veel voorbeelden van 'boeddhisme en psychologie' kwamen aan de orde in de conferentie onder die naam verleden jaar in Nijmegen (zie  hier ). In Bijlage 2 neem ik de introductie over. In  het BD een verslag ervan  door Katinka Hesselink.


Een apart aspect is de dieptepsychologische benadering, het anders proberen te begrijpen en interpreteren van de Dharma.
Een mooi citaat , van de dichter Gary Snyder:
"There's a big tendency right now in western Buddhism to psychologize it-to try and take the superstition, the magic, the irrationality out of it and make it into a kind of therapy. You see that a lot. Let me say that I'm grateful for the fact that I lived in Asia for so long and hung out with Asian Buddhists. I appreciate that Buddhism is a whole practice and isn't just limited to the lecture side of it; that it has stories and superstition and ritual and goofiness like that. I love that aspect of it more and more."

Buddhism in America: Global Religion, Local Contexts  door  Scott A. Mitchell
Hij stelt, zich o.a. baserend op McMahan :   Het moderne boeddhisme is een reframing van traditionele mythologieën, van pogingen om betekenissen te extraheren - of preciezer gezegd te reconstrueren - die levensvatbaar zijn binnen de context van de moderne levensvisie, ingebed in oude levensvisies. Het bekendste voorbeeld is om de cyclus van wedergeboorten in samsara niet meer letterlijk te duiden maar te zien als symbolische representaties van diverse psychologische of emotionele staten. Het 'gebied van de hongerige geesten' wordt niet langer meer gezien als een letterlijke toestand waarin men na de dood kan terechtkomen maar als een weerspiegeling van de toestand van het geheel vervuld zijn van hebzucht en begeerte die nooit bevredigd kan worden.
Demythologisering door moderne boeddhisten, beinvloed door de groei van de Westerse psychologie, is een belangrijke factor geweest in het populair worden van het boeddhisme in het Westen.
De psychologisering van het boeddhisme verwijst naar het interpreteren van boeddhistische doctrines en praktijken als een weerspiegeling van innerlijke geestesgesteldheden of als een soort spirituele therapie in zichzelf. ...
Die psychologisering is ook duidelijk een manier waarop het boeddhisme goed ontvangen is in het Westen. Door vertaling van het pantheon van hemelse wezens als niets anders dan symboliek, worden zij effectief geneutraliseerd, niet langer een bedreiging van het dominante monotheïsme van het Westerse christendom. En misschien nog belangrijker, eenmaal geneutraliseerd is het boeddhistische modernisme vrij om de traditie en haar rituelen te herdefiniëren als niet perse een religie maar als een 'spirituele technologie', als een set oefeningen en therapieën bedoeld om zijn/haar psychologie te helen in plaats van een einde te maken aan samsara.

( Mitchell  , pag. 236/237, licht geparafraseerd)

Conclusie

Boeddhisme is geen toegepaste natuurwetenschap (zie hieronder), geen vorm van poëzie, geen filosofie, geen .... (noem maar op). En dus ook geen toegepaste psychologie.
Het is de dingen begrijpen zoals ze echt zijn.
Spreken over het boeddhisme, over de Dhamma/Dharma kan vaak alleen met behulp van allerlei beeldspraak en beelden.
Misschien is beeldspraak en beelden van wetenschap en/of poëzie en/of psychologie onvermijdelijk, omdat magische beelden niet meer werken. Maar het zijn slechts taalkundige hulpmiddelen.

====================================================================

Emergente zwaartekracht en wat boeddhisme

Dat is nog eens boeddhisme voor gevorderden, het lang verwachte artikel van Erik Verlinde:
'Emergent Gravity and the Dark Universe '
Hier  het originele wiskunde-rijke artikel.
Hieronder een iets meer eenvoudige uitleg.

De zwaartekracht bestaat niet. De Big Bang heeft nooit plaatsgevonden. Donkere materie bestaat niet. Wat een illusies doorgeprikt en wat een pracht komt er voor in de plaats.
Begrijpen doe ik het nog nauwelijks, dat is voor een deel de charme ervan.
Het gaat in ieder geval niet over compassie, dat is ook wel eens bevrijdend.

Een paar bronnen:
Een enigszins populair (met een paar formules, maar ook met plaatjes) van de hand van Erik Verlinde zelf is te vinden in het 'Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde '

En uit 'Quantumuniverse ' :
"Ruimte, tijd en zwaartekracht bestaan op de allerkleinste schaal niet. Nieuwe inzichten in de theoretische natuurkunde lijken althans tot die verrassende conclusie te leiden. Op macroscopische schaal komen deze alledaagse verschijnselen als 'emergente' effecten uit de microscopische fysica tevoorschijn.
...
Al in de jaren '70 ontdekten Stephen Hawking, Jacob Bekenstein en anderen dat de fysica van zwarte gaten verrassend goed beschreven kan worden met natuurwetten die afkomstig zijn uit de thermodynamica.  Daardoor kwamen natuurkundigen al snel tot de conclusie dat zwaartekracht - in elk geval rond zwarte gaten - een thermodynamisch verschijnsel is.
Thermodynamica gaat over macroscopische verschijnselen, zoals warmte en druk, die ontstaan uit microscopische natuurkunde. Denk aan de temperatuur van een kop koffie, die voortkomt uit de bewegingen van talloze individuele moleculen. Thermodynamische eigenschappen als temperatuur en druk bestaan op het allerkleinste niveau niet, maar zijn emergent en worden pas op macroscopische schaal zichtbaar. De relatie tussen thermodynamica en zwaartekracht suggereert dat ook zwaartekracht - en zelfs ruimte en tijd - op de allerkleinste schaal niet bestaat, en pas op grotere schaal tevoorschijn komt.
...
"
Zie verder Bijlage 3

Interessant is ook de opvatting van Verlinde voor de theorie van de oerknal, een theorie waar ook boeddhisten zich prettig bij lijken te vinden, al is die te weinig cyclisch van aard. Uit een artikel in de NRC bij een vorig artikel van Verlinde:
" In den beginne was er (g)een knal
Kosmologie Tijdens de Oerknal ontstond iets uit niets. Zegt de theorie. Maar sommige fysici zetten er vraagtekens bij. Borrelde de oerknal op uit een bad van donkere energie?
"
Zie verder Bijlage 4

--------------------------------------------------------------------------------------

Bijna alles lijkt wel emergent

Eerst een omschrijving:
"Emergentie is een begrip dat met name centraal staat in de systeemtheorie en de filosofie. Het betreft de ontwikkeling van complexe georganiseerde systemen, die bepaalde eigenschappen vertonen die niet zichtbaar zijn door louter een reductie van hun samenstellende delen. Door interactie ontstaan eigenschappen, patronen, regelmatigheden en/of geheel nieuwe entiteiten."  Bron:  Wikipedia

De Engelse versie is uitgebreider.
Helder, met veel voorbeelden, is het artikel  'Wat is emergentie? '

De vraag of ook 'bewustzijn' (Engels: 'consciousness') een emergent verschijnsel is, is lastig te beantwoorden, onder andere omdat lastig te definiëren is wat het is en omdat het een beladen ideologisch concept is.
Het boek 'The Emergence of Consciousness ', edited by Anthony Freeman gaat uitgebreid op deze vraag in.
Samenvatting ervan: "How does the conscious mind relate to the physical body? Two common views from the past offered the stark choice between dualism which said mind and body were quite separate and physicalism which said that the mind was in fact ‘nothing but’ the physical brain. Both these views are now widely rejected.
'Emergence' theory offers a compromise: the mind ‘emerges’ from the physical body but the whole person, mind and body, is more than the sum of the physical parts. In The Emergence of Consciousness philosopher Robert Van Gulick gives a clear and masterly overview and comparison of the current ‘emergent’ and ‘reductive’ approaches. Other contributors discuss more detailed aspects of the subject. The editor's own chapter argues for the radical proposal that even God is an ‘emergent property’.
"
Zie  'Imprint ', met uitgebreide summaries; dat van Van Gulick neem ik op als Bijlage 5. En zie   Google books

Niet alleen temperatuur, druk en kleur maar nu ook zwaartekracht, ruimte en tijd zijn thermodynamische verschijnselen en dus emergent. Bestaan dus eigenlijk niet, maar ook weer wel: dat begint weer een beetje op boeddhisme te lijken.
Er is geen zwaartekracht-natuur net zo min als er boeddha-natuur is. (Of juist wel, maar dan in emergente zin?)
'Bewustzijn' lijkt het ook te zijn, al hebben sommige boeddhisten daar moeite mee (de resten goddelijkheid en bezieldheid lijken niet te zijn verdwenen in sommige hoofden)

En ook 'mind', min of meer hetzelfde als 'het zelf '. Daarmee wordt geraakt aan het bekende anatta-thema.
Francisco Varela over " ... the Buddhist doctrine of anatta, which holds that the self is an illusion. Varela contended that anatta has also been corroborated by cognitive science, which has discovered that our perception of our minds as discrete, unified entities is an illusion foisted upon us by our clever brains. In fact, all that cognitive science has revealed is that the mind is an emergent phenomenon, which is difficult to explain or predict in terms of its parts; few scientists would equate the property of emergence with nonexistence, as anatta does."  Bron:  Slate
Dat laatste is te absoluut gezegd, m.i. bestaat het 'zelf' zowel wel als niet; in deze  bundel van Dessein  staat zowat alles daarover. Kortom: 'mijn zelf' is een mooi voorbeeld van emergentie.

=====================================================================

Amerikaanse boeddhisten en Donald Trump

In m'n  November-blog schreef ik over de grote mate waarop Amerikaanse boeddhisten bezig waren met hun presidentsverkiezingen. Dat was voor de (in ogen van velen fatale) datum van 8 november.
Het is dus toch, tegen hun hoop en verwachting in, Donald Trump geworden.
Hierover schreef ik op Facebook:

"De Amerikaanse boeddhisten zijn de klap van de verkiezing van Donald Trump nog lang niet te boven.
Ik neem natuurlijk maar een selectie waar en mogelijk vertekend, maar m'n indruk is dat in de V.S. er een groter politiek bewustzijn is dan onder Nederlandse boeddhisten.
Veel reacties van leraren en sangha's in twee overzichten van LionsRoar ': Hier en Hier .

De reacties variëren van verdrietig tot wijs, van tot passief tot vastberaden
Het lijkt er op dat Amerikaanse boeddhisten in tegenstelling tot veel liberals (zover ik dat uit de krant begrijp) niet wanhopig en niet boos zijn, of dat niet mogen zijn van zichzelf en hun groepscultuur.
Drie voorbeelden uit deze overzichten in LionsRoar:

Noah Levine, Against the Stream
"Here in the United States of Samsara ignorance is the status quo. The Buddha’s teachings guide us to go “against the stream” to develop wisdom and compassion through our own direct actions. As the path encourages, “Even amongst those who hate, we live with love in our hearts. Even amongst those who are blinded by greed and confusion, we practice generosity, kindness and clear seeing.”
Meditate and Destroy!"

Angel Kyodo Williams
" i don't have a lot of words, but i have a lot of faith. i know the road feels slow and winding and we seem to need the pain to cut to the core to emerge from the sleepwalk of despair and feel through the numbness of disconnect and indifference. but if we let ourselves feel this, we will be better for it. we will wake up and reach out and finally tap into our love for one another and our planet. we will breathe deeply and remember we have survived worse. but now it is time to live. and to love. and to see justice. in the meantime, hold tight to someone you love and take care of someone you don't know."

Brad Warner (een uitzondering op het niet boos mogen zijn)
"Zen teacher Brad Warner addressed the Trump election with a post on his website titled “The KKK Took My Country Away…. Or Did It?” In the piece, Warner notes his anger about the election news, but also faces down those who criticize him for that anger: “The general message is that it is not properly ‘Buddhist’ or ‘Buddhist Master-ly’ to express anger at a moment like this one. Which is an interesting question to me. Is it? I ask that very sincerely. Here is my tentative answer. ... ”

Een citaat daaruit:
"I am fucking angry and depressed right now. So I will not tell you to be positive. I will not tell you to be optimistic."

Een voorbeeld van een reactie van een Amerikaanse boeddhist die sympathiek is maar toch uit een verzameling BEZWERINGSFORMULES bestaat:
Facing Election Results with Buddhist Practices of Love, Compassion, Sympathetic Joy and Equanimity   November 12, 2016 [door] Justin Whitaker "


Tot slot een terechte tweet van 'boeddhaweg' (Jules Prast):
"Desperate to remain relevant: 'Dalai Lama says will visit Trump'   reut.rs/2fnEEs7 "

--------------------------------------------------------------------------------------

M'n intentie van dit bericht: zo kunnen we vast oefenen voor als komend voorjaar Wilders' PVV de grootste partij wordt.
Uiteindelijk: oefenen in het niet verrast zijn door wat ons 'overkomt'
Maar daaraan voorafgaand: in de discussies voorafgaand aan de verkiezingen gebruik maken van de unieke positie die we zouden kunnen innemen: tussen blank en gekleurd, tussen religieus en seculier, tussen welvarend/opgeleid en arm, tussen opgewonden en onverschillig. Etcetera
Daarbij ben is wel grote bescheidenheid gewenst: het boeddhisme in Nederland stelt noch kwantitatief noch kwalitatief veel voor, in geëngageerde zin al helemaal niet.

=====================================================================

De Onvolmaakte Boeddha (Imperfect Buddha Podcast)

Een podcast met een aantal interessante sprekers en onderwerpen
Hier   te vinden

2.0 Imperfect Buddha : Tibetan Buddhism slowly innovates
3.0 Imperfect Buddha : The Dharma Overground get enlightened & the non-Buddhists cause a stir
4.1 Imperfect Buddha : Cults, cultish shennanigans & Buddhist groups
4.2 Imperfect Buddha : Tenzin Peljor on leaving a Buddhist cult
5.1 Imperfect Buddha : On the limits of Secular Buddhism, on Buddhism & academia
5.2 Imperfect Buddha : Jayarava decimates rebirth & karma
6.1 Imperfect Buddha : Buddhism & the apolitical trend
6.2 Imperfect Buddha : Shaun Bartone on Engaged Buddhism
7.1 Imperfect Buddha : "The Big Enlightenment Show"
7.2 Imperfect Buddha : Professor Adrian Ivakhiv on Immanence & a world after enlightenment
8.0 Imperfect Buddha : Ben Joffe on the paranormal, Tibetan Buddhism, UFOs & the Ngakpa
9.1 Imperfect Buddha : The liberating force of non-Buddhism
9.2 Imperfect Buddha : Glenn Wallis on non-Buddhism
9.3 Imperfect Buddha : Glenn Wallis on the Immanence & Transcendence Divide

Zie ook Posttradional Buddhism

=====================================================================

EINDE (misschien in deze vorm, met deze inhoud) van het Maandblad Boeddhisme

Ik voel me steeds minder een 'boeddhist', heb in ieder geval nauwelijks meer de behoefte een naam aan mijn opvattingen te geven. Dat HET boeddhisme niet bestaat, is een clichee geworden, met veel tradities heb ik geen enkele affiniteit.
En wat ik wel was - 'vrijzinnig Theravadin' noemde ik me - was overduidelijk een privé-constructie.

Daarom slaat het nergens meer op, deze blog 'Maandblad Boeddhisme' te noemen.
Bovendien was die titel en de vorm een poging een echt tijdschrift op gang te krijgen als opvolger van 'BoeddhaMagazine', voorheen het Kwartaalblad. Dat is allemaal geschiedenis geworden.

Ik gebruik deze blog vast nog wel na 31 december, maar niet meer als 'Maandblad Boeddhisme'.
Hoewel ... Ik ben ook nog niet helemaal ge-ont-boeddhaïseerd.
En de geest waait waarheen hij wil.

--------------------------------------------------------------------------------------

Als uitsmijter toch nog één keer aandacht voor de leraar

Via een deze week verschenen artikel in Tricycle namelijk van Daniel Clarkson Fisher, die van Californië (waar hij bekend universitair docent boeddhisme, blogger en geestelijk verzorger was) verhuisde naar Toronto en daar overwoog (Dharma-)leraar te worden om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien. Omdat dat zo ongeveer het enige was dat hij echt kon.
"Tenslotte doet iedereen het: Ik streefde naar mogelijkheden om te spreken en schrijven, leerde de lokale groepen en leiders kennen, vernieuwde mijn persoonlijke website, voerde mijn social media spel op, en deed in het algemeen alles wat een moderne leraar moet doen om zich goed als 'merk' ('brand') in de markt te zetten."

Hij deed het na enig aarzelen niet. Omdat het neerkomt op wat hij noemt 'de bankiers benadering': de leraar die de kennis heeft, draagt dat over aan de leerlingen die dat niet hebben.
In 'The Teacher Racket ' beschrijft hij z'n overwegingen. (Het Amerikaanse 'racket' is geen onschuldig woord, meestal wordt het met geassocieerd met fraude, met georganiseerde misdaad. Maar of Fisher echt iets als 'de leraren-maffia' bedoelt, is mij niet duidelijk; Joop R.)

"Succes op de spirituele markt hangt af van een bancaire benadering a la het onderwijs: als mensen u uit beginnen te nodigen om te spreken, uw boeken te kopen, uw retraites bij gaan wonen, en ga zo maar door, dan moeten ze je zien als de bezitter van de benodigde kennis. Hoe minder twijfel ze daarover hebben, hoe beter het is voor het merk van de leraar; en hoe beter het merk, des te beter het levensonderhoud van de leraar. Professioneel gezien zou het promoten van een meer egalitaire visie op de boeddhistische beoefening en de gemeenschap mij niet veel goed doen: waarom zouden mensen me betalen om hen te leren dat zij een aanpak moeten gaan proberen die juist anders is dan het uitnodigen van mensen zoals ik om met hen te praten?
...
Langzaam maar zeker, laat ik het nutteloze idee los, dat deelnemen aan de leraren-kliek de enige manier is om iets goeds met mijn opleiding en ervaring te doen. In feite realiseerde ik me dat niet eraan deelnemen de duidelijkste manier zou zijn om mijn overtuiging uit te dragen dat de toekomst van de boeddhistische gemeenschap af zal hangen van de individuele sangha's die het initiatief nemen om zo veel mogelijk afstand gaan nemen van de bancaire modellen zoals dat in het onderwijs genoemd wordt. Elke gemeenschap heeft zijn eigen beslissingen te nemen over onderwijzen en leren in overeenstemming met haar traditie. Maar hoe dan ook: beslissingen nemen moeten ze.
"

=====================================================================
=====================================================================

BIJLAGEN


Bijlage 1

Wetenschappelijke en alledaagse of intuïtieve psychologie

Veel van wat in het dagelijks leven 'psychologie' genoemd wordt, heeft geen wetenschappelijke pretenties. Ieder nadenkend mens denkt ook na over wat mensen beweegt en probeert het gedrag van zichzelf en anderen te begrijpen vanuit zijn of haar verleden, zijn of haar karakter, zijn of haar positie in de samenleving. Wie zo nadenkt is psychologisch bezig maar pretendeert daarmee geen wetenschap te bedrijven. In een algemene encyclopedie mag men niet voorbijgaan aan alle vormen van deze niet-wetenschappelijke psychologie. Daarom maken we in deze Nederlandstalige Wikipedia onderscheid tussen 'wetenschappelijke' en 'intuïtieve' psychologie. Er zijn natuurlijk grensgevallen. Zo zal de een vinden dat de grafologie tot de wetenschappelijke psychologie gerekend moet worden en de ander zal dat bestrijden. Zo ook met de parapsychologie. Ook zijn er tal van vormen van psychotherapie die niet berusten op, of gesteund worden door, wetenschappelijk onderzoek (zie ook wetenschappelijke methode). In de praktijk wordt er soms voor geopteerd om een gebied of praktijk tot de wetenschappelijke psychologie te rekenen als daarin onderwijs wordt gegeven aan een of meer universiteiten. Alle overige opvattingen van psychologie worden in dat geval gerekend tot de 'alledaagse of intuïtieve psychologie'.

Wetenschappelijke psychologie

De wetenschappelijke psychologie wordt ingedeeld bij de gedragswetenschappen (in Vlaanderen gebruikelijk) of bij de sociale wetenschappen (meer in Nederland gebruikelijk) omdat mensen (en dieren) altijd samenleven met soortgenoten en als kind door hen worden verzorgd en grootgebracht. Hoe mensen zich in groepen gedragen is object van de sociale psychologie. Mensen verschillen van elkaar in tal van opzichten. Die verschillen zijn object van de persoonlijkheidsleer (of differentiële psychologie). Mensen worden als baby geboren en ontwikkelen zich mettertijd in gedrag, waarnemen, denken en beleven. Wat vroeger kinderpsychologie heette wordt tegenwoordig ontwikkelingspsychologie genoemd. De psychogerontologie of de psychologie van de mens op leeftijd, wordt ook daartoe gerekend. Het waarnemen, leren, denken, spreken, onthouden en vergeten is object van de cognitieve psychologie (of functieleer), de leerpsychologie en de neuropsychologie. Specifiek voor de taal is er de psycholinguïstiek. Stoornissen in het gedrag, denken en beleven van mensen zijn object van de klinische psychologie, de psychopathologie, neuropsychologie en psychotherapie. Een van de vele soorten psychotherapie is de psychoanalyse, oorspronkelijk ontwikkeld door de Weense psychiater Sigmund Freud. De wetenschappelijke status van de psychoanalyse is omstreden. Mensen werken met elkaar samen. Hoe zij dat doen en wat daaraan verbeterd kan worden is het object van de arbeids- en organisatiepsychologie. Onderdeel daarvan is de sportpsychologie.

Verschillen in gedrag, denken en beleven tussen bevolkingsgroepen en tussen volkeren met verschillende culturen zijn object van de cultuurpsychologie. Hier overlapt de psychologie sterk met de antropologie of etnologie, en de sociologie. Zo heeft de psychologie ook veel gemeen met de biologie, vooral op het punt van erfelijke aanleg van gedrag en gedragsstoornissen (zie biologische psychologie), de criminologie, de pedagogiek of opvoedkunde, de geneeskunde, de statistische data-analyse. Op het gebied van het denken over ethische vragen en dilemma’s, het zelfbewustzijn, het ontstaan en de werking van het geweten raakt de psychologie aan de filosofie, waaruit zij oorspronkelijk ook is voortgekomen.

Bron: Wikipedia

--------------------------------------------------------------------------------------

Bijlage 2

Conferentie 'Boeddhisme en psychologie'

Meditatie is een maatschappelijk fenomeen geworden. Mede door de ontwikkelingen rondom mindfulness is het steeds meer aanvaard als een vruchtbare methode van persoonlijke ontwikkeling, niet alleen door degenen die haar beoefenen, maar ook door de wetenschap. In dat kader is er ook steeds meer belangstelling aan het ontstaan voor de onderliggende uitgangspunten ervan: de boeddhistische psychologie.
In dit begrip komen twee tradities samen. De westerse psychologie met haar verschillende toepassingsgebieden en het oosters boeddhisme. Hoewel er theoretisch nogal wat verschillen aan te wijzen zijn, lijkt het in de alledaagse praktijk tot een vruchtbare verbinding te komen.

Boeddhisme en psychologie: enkele overwegingen en vragen

Boeddhisme is al lang niet meer uitsluitend een weg om het wereldse bestaan te ontstijgen, het is ook een bron van inspiratie geworden om het gewone leven te verrijken en te vergemakkelijken. Binnen het boeddhisme gaat men ervan uit dat de werkelijkheid zoals wij die ervaren ontstaat door de wisselwerking tussen de waarnemer en wat waargenomen wordt. Het uiteindelijke antwoord op de vraag naar het menselijk lijden en geluk wordt gezocht in de geest van de waarnemer, en niet in het aanpassen van de omstandigheden.
Boeddha introduceerde hiervoor specifieke trainingen voor de geest. De Abhidharma, een theoretisch raamwerk voor de leer van de Boeddha dat enkele eeuwen na zijn dood werd samengesteld, bevat een systematische beschrijving van de dynamiek van onze geest en hoe wij de werkelijkheid ervaren. In de verschillende boeddhistische tradities is dit verder ontwikkeld tot soms behoorlijk complexe modellen.

Vanwege de relatie met het menselijk welbevinden ligt het voor de hand dat boeddhistische ideeën en methodes aanvankelijk de interesse wekten van psychologie en psychotherapie. Vandaag de dag worden toepassingen vanuit het boeddhisme meer en meer van hun spirituele context ontdaan en toegepast in het niet-spirituele domein, zowel op het therapeutische vlak als ook gericht op persoonlijke welbevinden en maatschappelijk functioneren. Bovendien kan boeddhisme als bron van inspiratie gebruikt worden bij zowel pragmatische als ethische vragen over de verhouding tussen mensen onderling en tussen de mens en zijn omgeving..
Er is echter wel een verschil in de kijk op wat ‘werkelijkheid’ is tussen boeddhisme en westerse psychologie. en onderscheid dat gemaakt zou kunnen worden is dat westerse modellen vooral gericht zijn op de vraag hoe je om gaat met de situatie waarmee je geconfronteerd wordt, terwijl het er in boeddhistische modellen uiteindelijk op neerkomt hoe je je tot jezelf verhoudt en dat een andere identificatie tot een andere ervaring leidt.
Een grotere bekendheid met boeddhisme heeft niet alleen gevolgen voor de ‘populaire psychologie’ maar ook voor de academische psychologie die wordt geconfronteerd met een toenemende belangstelling voor en toepassing van mindfulness en compassietrainingen.
Nemen de psychologie en psychiatrie alleen deze methodes over? Of staan we ook open om naar de ‘boeddhistische psychologie’ te kijken? Is er ruimte voor een ander model over de werking van de menselijke geest, mentaal welbevinden, en onze relatie tot ‘de werkelijkheid’, in een tijd waarin we geneigd zijn om meer naar de neurowetenschappen te kijken dan naar de rol van menselijke motivaties en intenties?

Daarnaast zijn deze ontwikkelingen ook van invloed zijn op de praktijk van het boeddhisme. Wanneer er meer een beroep op het boeddhisme wordt gedaan als bron van psychologisch inzicht en minder vanuit de behoefte tot het bereiken van de verlichting, dan zal het antwoord zich daar ook meer op richten. Gaat het boeddhisme verder psychologiseren? Krijgt boeddhisme een andere plek in maatschappelijke ontwikkelingen? Is het een verarming dat er minder aandacht is voor de spirituele kant? Halen we alles uit het boeddhisme wat er in zit?

Bron: Aankondiging Conferentie

--------------------------------------------------------------------------------------

Bijlage 3

Uit  'Emergente zwaartekracht en het donkere heelal
...
Conclusie

Emergentie, het ontstaan van zwaartekracht op grote schaal uit informatieverdeling op kleine schaal, lost wellicht drie problemen tegelijkertijd op. Ten eerste bestaat de zwaartekracht zoals wij die kennen op de allerkleinste schaal niet, en is een begrip van de zwaartekrachtswetten op quantumschaal dus overbodig. Ten tweede bestaat de ruimte op quantumniveau uit informatiebits die met elkaar verstrengeld zijn. Als de microtoestand van alle bits een hoge energie heeft, is de ruimte op grote schaal gezien een De Sitterheelal. Dit verklaart de oorsprong van donkere energie. Ten derde verplaatst het creëren van een massa in een De Sitterheelal de informatie die geassocieerd is met de donkere energie. Deze verplaatsing van informatie heeft zijn weerslag op massa's die zich bijvoorbeeld aan de rand van een sterrenstelsel bevinden. Deze reactiekracht komt overeen met de effecten die worden toegeschreven aan de mysterieuze donkere materie.
Het oplossen van drie problemen in één klap is een prachtig vooruitzicht, maar kunnen Verlindes ideeën ook getest worden? Dat kan zeker: we hebben gezien dat zijn theorie niet alleen kwalitatieve beschrijvingen geeft, maar ook kwantitatieve formules oplevert die met waarnemingen geverifieerd kunnen worden. Omgekeerd is een falsificatie natuurlijk ook mogelijk: zodra één van de vele huidige zoektochten een daadwerkelijk materiedeeltje vindt als verklaring voor de donkere materie, blijkt Verlindes theorie natuurlijk onjuist.
Ook als Verlindes theorie juist blijkt, is er nog veel werk aan de winkel. Een grote open vraag is bijvoorbeeld hoe de dynamica van het heelal haar intrede doet in zijn formulering: kan dit idee ook de geschiedenis van de kosmos, en het in de loop van de tijd bewegen van materie en 'donkere materie', precies beschrijven? Kunnen hiermee zelfs eigenschappen van de kosmische achtergrondstraling, het licht dat we nu nog steeds opvangen uit het allervroegste heelal, verklaard worden? Daarnaast wordt in sommige waarnemingen, zoals bijvoorbeeld aan de zogeheten Bulletcluster, niet alleen de verhouding tussen gewone en 'donkere' materie gemeten, maar ook de manier waarop deze twee over de ruimte verdeeld lijken te zijn. Die verdeling blijkt niet altijd mooi symmetrisch, en het is dus een mooie uitdaging voor Verlindes model om ook dergelijke waarnemingen te verklaren.
Hoe het ook zij, de ideeën van Erik Verlinde klinken zonder meer aantrekkelijk, en bieden een interessante alternatieve zienswijze op decennia-oude fundamentele problemen rond de zwaartekracht. Hopelijk draagt zijn theorie eraan bij dat we deze alledaagse kracht, die mensen al miljoenen jaren ervaren, op niet al te lange termijn ook daadwerkelijk zullen begrijpen."

Bron:  Quantumuniverse

--------------------------------------------------------------------------------------

Bijlage 4

In den beginne was er (g)een knal

Kosmologie Tijdens de Oerknal ontstond iets uit niets. Zegt de theorie. Maar sommige fysici zetten er vraagtekens bij. Borrelde de oerknal op uit een bad van donkere energie?

door   Margriet van der Heijden 28 januari 2012
De Oerknal. Daarmee begon alles. Tijdens de Oerknal ontstonden energie en materie, en de drie ruimtelijke dimensies en de tijd – samen de ruimtetijd. De Oerknal liet 13,7 miljard geleden iets ontstaan uit niets – en daarna groeide dat iets uit tot de kosmos.
Dat leren wij al vijftig jaar van kosmologen, theoretisch fysici en astronomen. En als je erbij stil staat is het wonderbaarlijk: met steeds sterkere kijkers en telescopen halen mensen die verre kosmos pas sinds vier eeuwen dichterbij. Dat is krap driehonderdduizendste promille van dat 13,7 miljardjarige heelal. En toch hebben ze in die oogwenk de hele geschiedenis van het heelal opgetekend – in het verhaal van de Oerknal en van de keten van gebeurtenissen erna.

Of niet?
Sommige geleerden twijfelen daar nu aan. Zoals snaarfysicus en Spinozaprijswinnaar Erik Verlinde. Hij zegt: “Dat hele verhaal over wat er 1,10 of 20 seconde na de Oerknal gebeurde klinkt mij te veel als een scheppingsverhaal van gelovigen.”
“Maar ho”, zegt kosmoloog Vincent Icke meteen. “Het Oerknalmodel is géén scheppingsverhaal, zoals elk van de zeven miljard aardbewoners er wel eentje kan bedenken. De kosmologie is een snoeihard vak.”

Het Oerknalmodel uit de kosmologie, bedoelt Icke, is gebaseerd op goed geverifieerde waarnemingen, op logische wiskundige redenaties en op de inzichten van fysici in de zwaartekracht, in de structuur van ruimte en tijd, en in de elementaire deeltjes die de bouwsteentjes van sterren en planeten zijn.
“Nou”, relativeert de vooraanstaande sterrenkundige Ed van den Heuvel. “Er zijn nog wel wat problemen. We hebben bijvoorbeeld geen idee waaruit de donkere energie en de donkere materie in het heelal bestaan.”

Geen klein probleem, want die onbekende en onzichtbare donkere energie en donkere materie beslaan volgens de huidige inzichten juist het overgrote deel – 96 procent – van het heelal. Of andersom: alle sterren, planeten, gasnevels, gassen tussen de sterren en andere zichtbare objecten, behoren tot een exotische kosmologische minderheid van 4 procent. En de huidige natuurkundige wetten mogen die minderheid dan glashelder beschrijven, ze zien klaarblijkelijk dus ook iets over het hoofd.

Verlinde wordt daarom een “beetje lacherig” van de stelligheid “waarmee mensen vertellen over de kosmos op 1 seconde na de Oerknal. Dan overschatten ze de natuurkundige wetten die tot dusver zijn ontdekt en miskennen wat nieuwe natuurkundige wetten ons nog zullen leren.”
Hij zet er een prikkelend gezichtspunt tegenover. “Misschien vormen donkere materie en donkere energie een reusachtig warmtebad waarin ons heelal is opgeborreld door faseveranderingen – zoals een belletje in een glas champagne.”
En hij herhaalt wat hij tijdens allerlei lezingen al zei: “Het Oerknal-idee, dat er zomaar iets uit niets zou zijn voortgekomen, heb ik nooit zo geloofd.” Al blijft ook als iets uit iets voortkwam (zoals een belletje uit champagne) natuurlijk het raadsel dat er ooit iets ontstond...

Eerst het Oerknalmodel zelf. Dat begint eigenlijk pas na de Oerknal, als de kosmos een minuscuul universumpje vol oersoep is. Volgens de inflatietheorie van de Amerikaanse fysicus Alan Guth en collega’s, groeit dat mini-universumpje min of meer spontaan in een razend tempo – zelfs sneller dan het licht. Wanneer die groeispurt om niet opgehelderde redenen daarna weer stopt, is een reusachtig groot universum ontstaan dat er toch in alle richtingen nagenoeg hetzelfde uitziet – ‘isotroop en homogeen’ is.
Dat universum is gevuld met een dunne, langzaam afkoelende oersoep. Daarin krioelen simpele atoomkernen en elektronen door elkaar tot ze na ongeveer 380.000 jaar zozeer zijn afgekoeld dat ze lichte atomen vormen: waterstofatomen (driekwart), heliumatomen (een klein kwart) en een beetje lithium. Het heelal wordt nu ook doorzichtig, want lichtstralen kunnen deze atomen redelijk ongehinderd passeren – iets wat in het hete oerplasma niet lukte.

Het mooie is intussen dat het heelal toch niet helemáál homogeen was. Er zaten kleine rimpelingen in de oersoep en die leiden er nu toe dat waterstof en helium op sommige plaatsen relatief dicht opeengepakt zijn. En daar, in die ophopingen die zich verder verdichten, ontstaan de eerste, zware sterren.  ....

Bron:  NRC
--------------------------------------------------------------------------------------

Bijlage 5

Robert Van Gulick, Department of Philosophy, 541 HL, Syracuse University, Syracuse, NY 13244-1170, USA

Reduction, Emergence and Other Recent Options on the Mind/Body Problem
My aim here is to give an overview of the recent philosophic discussion to serve as a map in locating issues and options. I will not offer a comprehensive survey of the debate or mark every important variant to be found in the recent literature. I will mark the principal features of the philosophic landscape that one might use as general orientation points in navigating the terrain.
I will focus in particular on three central and interrelated ideas: those of emergence, reduction, and nonreductive physicalism. The third of these, which has emerged as more or less the majority view among current philosophers of mind, combines a pluralist view about the diversity of what needs to be explained by science with an underlying metaphysical commitment to the physical as the ultimate basis of all that is real. The view has been challenged from both left and right, on one side from dualists (Chalmers, 1996) and on the other from hard core reductive materialists (Kim, 1989). Despite their differences, those critics agree in finding nonreductive physicalism an unacceptable and perhaps even incoherent position. They agree as well in treating reducibility as the essential criterion for physicality; they differ only about whether the criterion can be met. Reductive physicalists argue that it can, and dualists deny it.

The terms ‘reduction’, ‘nonreductive’ and ‘emergence’ get used in a bewildering variety of ways in the mind–body literature, none of which is uniquely privileged or standard. Thus clarity about one’s intended meaning is crucial to avoid confusion and merely verbal disagreements. Thus, much of my mapping will be devoted to sorting out the main versions of reduction and emergence before turning to assess their interrelations and plausibility. My intent is to act largely as a guide and not an advocate. Though I am sure my biases will sometimes affect how I describe the issues, my goal is to lay out the logical geography in a more-or-less neutral way.

Bron: Van Gulick

maandag 1 augustus 2016

Augustus * Vitaliteit en meditatie (en donkere materie) * Naar retraites gaan is alleen voor de elite   * Of toch   * Leben und Sterben

Is bèta niet beter?

Eerst wat persoonlijks. Het leek wel of de hartchirurg in de operatie ook een overbodig dingetje had verwijderd dat daar ook zat, een soort blindedarm. En dat het m'n mind bleek te zijn (m'n Boeddha-Natuur was m.i. als weg). In ieder geval was ik tijdens m'n hartproblemen en tijdens m'n langzame herstelperiode elke interesse in boeddhisme en meditatie kwijt.
Het zou kunnen dat die interesse terugkomt.
Men zou het in de ander richting verwachten: als het moeilijk gaat, groeit de behoefte aan spiritualiteit. En als alles goed gaat denkt men softheid niet nodig te hebben.
Maar het verband is precies andersom; bij mij tenminste; en dit keer tenminste.

Dit alles neemt niet weg dat als ik nu zou kunnen kiezen tussen het verkrijgen van:
* Het ultieme vipassana-inzicht van 'de dingen begrijpen zoals ze werkelijk zijn '; en
* Fundamenteel inzicht in de aard van de 'donkere materie ' in de astrofysica;
    Ik toch wel voor het tweede inzicht kies.

Dat doet me denken aan een lezing die Ton Lathouwers heeft gegeven over Giordano Bruno. Fascinerend, maar vooral gaand over z'n pantheïstische opvattingen. Een typische alpha-benadering dus. Terwijl ik meer geïnteresseerd ben in Bruno als één van degenen die de moderne natuurwetenschap heeft vormgegeven door in navolging van Copernicus zich te durven realiseren dat de aarde (en de mens) niet het middelpunt van alles is maar de planeten (en de aarde) om de zon draaien. Bruno als bèta-denker dus die al in de 16e eeuw bedacht dat ook sterren zonnen zijn waar (bewoonde) planeten om kunnen draaien.   Mooi is de positieve formulering van Wikipedia : "Bruno had sterk de gewoonte om de controverse op te zoeken"

--------------------------------------------------------

Iets anders, ik zie tenminste niet direct een verband met het bovenstaande.
Luiheid wordt als een ondeugd beschouwd, in het Christendom maar niet minder in het Boeddhisme. Dat heb ik eigenlijk nooit zo goed begrepen.
Er gaat toch niets boven aandachtig niets-doen?

Wat hier ook een beetje (welk?) mee te maken heeft, is:
Verstaan we nog wel de kunst van het ons vervelen ?
Ik lees of hoor dat weinig over maar misschien zijn degenen die het doen zo verstandig er geen aandacht voor te vragen.
In ieder geval heb ik me als (pre-)puber behoorlijk verveeld, af en toe, best wel vaak.
En nu kan ik het ook nog wel, hoewel met minder totale doelloosheid en vormloosheid als toen.

=====================================================================

Boeddhisme als Westerse elite-religie

In het Boeddhistisch Dagblad verschijnen af en toe artikelen over de prijzen van retraites, gestuurd door de vraag of 'de gewone man/vrouw dat (nog) wel kan betalen. 'Jan met de pet' en andere zestigerjaren clichees worden niet geschuwd.
Allerlei interessante feiten en meningen (o.a. die over 'dana") passeren de revue maar een principieel standpunt ontbreekt. Namelijk het antwoord op de vraag of het wel goed is en de bedoeling kan zijn dat een retraite ook voor de gewone man betaalbaar is.
Laat ik dan maar het politiek en spiritueel niet-correcte antwoord op die vraag geven:
Nee, een retraite hoeft niet voor iedereen betaalbaar te zijn. Heel veel mensen kunnen er dus niet heen; dat is helemaal niet erg. Het is een beoefeningsvorm voor de elite.
'All in' heeft nu eenmaal z'n prijs, en er van uit gaan dat anderen die prijs wel voor je betalen, is niet zo netjes.

Dat wat betreft ekonomische positie.
Iets vergelijkbaars speelt - in het Westen - wat betreft intelligentie. Boeddhisme is niet geschikt voor de 'eenvoudigen van geest'; sommige tradities zien domheid nog wel een beetje door de vingers; maar Theravada bijvoorbeeld eist echt wel wat van het verstand.

Nog twee variabelen: leeftijd en gender.
Sommigen beweren dat boeddhisme beoefenen steeds meer een vrouwenzaak is. Ik twijfel over de aard van de causaliteit. Het kan ook zo zijn dat de status van het zich boeddhist noemen aan het dalen is; en daarom de mannen er vandoor zijn gegaan.

Bij leeftijd tenslotte liggen de zaken simpeler: steeds meer wordt duidelijk dat het boeddhisme niets voor jonge mensen is.

Nog iemand vergeten?

--------------------------------------------------------

Toch nog positief eindigen: het kan wel

Kijk eens, goedkope retraites kunnen natuurlijk best maar dan moet het format aangepast worden.
* Niet in een apart centrum maar bij iemand thuis;
* Geen kookstaf maar zelf inkopen doen (zoveel mogelijk vooraf) en zelf koken: in stilte;
* Slapen in het huis waar men zit of 's avonds even naar eigen huis;
* Geen leraar, zelf om de beurt de tijd bewaken en dhamma-talk houden;
* De kosten worden hoofdelijk omgeslagen; niemand wordt (gedeeltelijk) vrijgehouden.

Nog eenvoudiger: doe het zelf; thuis of ergens anders waar je alleen kan zijn.

=====================================================================

Een paar maanden geleden gaf ik een overzicht van het Duitstalige tijdschrift 'Buddhismus Aktuell'.
Het nieuwste nummer (2016-3) heeft als thema 'Vom Leben und Sterben '.
Hieruit citeer ik een deel van het 'Editorial' van Ursula Richard:

"... Die in dieser Ausgabe versammelten Beiträge beleuchten diese uns allen gemeinsame Lebenswirklichkeit aus verschiedenen Perspektiven – persönlichen, gesundheits-politischen und buddhistischen. Vor allem in der tibetisch-buddhistischen Tradition gibt es ein großes Wissen um den Sterbeprozess. Mittlerweile findet es auch in Teilen der Palliativmedizin sowie der Hospizbewegung und Sterbebegleitung Berücksichtigung. Das Sterben geht, dieser Sicht zufolge, nach dem Todeszeitpunkt weiter. Doch auch der Todeszeitpunkt selbst, so der Mediziner Linus Geisler, ist nichts Naturgegebenes, sondern wird gesellschaftlich definiert, wie nicht zuletzt die Auseinandersetzungen um Organspenden und die Hirntoddiagnostik zeigen.
Lisa Freund, eine Pionierin in der Hospizbewegung und Sterbebegleitung, erzählt im Interview, wie in diesem Bereich buddhistische und wissenschaftliche Perspektiven einander befruchten können. Wichtig erscheint ihr aber vor allem ein neues menschliches Miteinander, das gegenseitige Fürsorge, besonders in schwierigen Lebens-situationen, einschließt.
Besonders berührt hat mich der Beitrag von Bertram Wohak. In einer E-Mail schrieb er vor drei Monaten von seiner schweren Krebserkrankung und dass er Betroffene durch seinen Blog und ein filmisch dokumentiertes Gespräch mit einem Freund über seine Auseinandersetzung mit seiner Krankheit und dem nahen Tod ermutigen und auch zeigen wolle, wie ihm buddhistische Praxis dabei geholfen habe. Er schrieb, dass er vermutlich das Erscheinen dieser Ausgabe nicht mehr erleben werde. Und so ist es auch gekommen. Werner Steiner, unser Layouter, hat seinen Beitrag als Erstes gestaltet. Bertram Wohak hat die Seite noch gesehen und sie hat ihm gefallen.
Diese Ausgabe von BUDDHISMUS aktuell ist aber nur ein Mosaiksteinchen in der Beschäftigung mit der „großen Sache von Leben und Tod“, wie es im Zen heißt. Vom 16. bis 18. September wird es in Potsdam einen Kongress der Deutschen Buddhistischen Union zum Thema „Leben und Tod – buddhistische Perspektiven“ geben. Namhafte buddhistische Lehrende werden dort das Thema weiter ausleuchten. Weitere Informationen dazu finden Sie in diesem Heft.
"

dinsdag 19 juli 2016

Juli * Opvattingen hebben en veranderen  * Ontlasting * Boek 'Secular Buddhism: An Introduction '

Weinig nieuws deze maand. Niet over m'n lijf, niet over m'n geest en niet over het boeddhisme in Nederland.
En al helemaal niet over een mogelijk boeddhistisch tijdschrift. De thematiek lijkt ook nog op te drogen. Alleen de echte volgers van het Boeddhistisch Dagblad kunnen constateren wanneer het daar komkommertijd is en wanneer niet. De blogs van Prast doen interessant maar zijn inconsistent; andere teksten verschijnen er niet. Uit de sangha's ook geen nieuws behalve dan dat af en toe een buitenlandse leraar langs komt.

Eén nieuwtje, uit betrouwbare bron maar niet formeel bevestigd. Varamitra is al weer afgetreden als voorzitter van de 'Vrienden van het Boeddhisme'. Er is sprake van gezondheidsproblemen.
Zie ook 'Prijsvraag '. Rob Janssen heeft de afgelopen jaren al een paar keer een vertrekkend voorzitter vervangen; nu weer?

======================================================================

De kunst van het veranderen van meningen

Psychologisch voorafje:
Is het: ik verander van mijn meningen/ ideeën/ standpunten/ inzichten/ opvattingen ?
of
het blijkt dat mijn meningen/ ideeën/ standpunten/ inzichten/ opvattingen zijn veranderd ?

Merkwaardig toch dat vrijwel nooit in de teksten van bekende boeddhisten (leraren bijvoorbeeld) een frase voorkomt als:
'In m'n vorige boek - artikel - lezing stelde ik dit en dit. Maar dat vindt ik nu niet meer, ik ben gewoon van gedachten veranderd. Nu vind ik dat en dat.'

Ja, als bekeringsgeschiedenis komt het wel voor: 'vroeger dacht ik (fout) a maar nu denk ik gelukkig b; en b blijf ik nu voortaan denken.
Hoogstens wordt een oude opvatting als fase in een opgaande lijn van opvattingen gesitueerd: er wordt afstand van genomen maar tegelijk zin aan gegeven.

Nooit: ik denk nu a maar ik hoop maar dat ik over een tijdje iets anders ga denken, b bijvoorbeeld, of c.

Of het echt nooit voor komt, vind ik moeilijk maar kennelijk wordt het 'toegeven' fout te hebben gezeten als zwak - of ondidactisch - gezien.

Is het bij mij dan anders ?

Twee voorbeelden.
Eerst een veilige, van tamelijk lang geleden. Motto (van Jan Blokker): ben ik eigenlijk nog wel links genoeg?
Toen ik ergens in de twintig was, formuleerde ik een paradox (ik denk nog steeds hem zelf te hebben bedacht maar misschien had ik hem wel ergens gelezen):
Kenmerkend van politiek rechts is dat aanhanger daarvan het verschil tussen links en rechts irrelevant vindt.
[Het was een meer intelligente variant op de uitspraak 'wie onder de veertig niet links is, heeft geen hart; en wie het na z'n veertigste nog is, heeft geen verstand' ]
Jaren, decennia lang heb ik mezelf met enige regelmaat aan deze paradox getoetst; en ja hoor: ik vond het verschil nog steeds relevant en was dus nog links.
Maar er kwam een moment, nu ook weer jaren geleden dat ik dat niet meer vond, dat ik geen zin meer had lippendienst te bewijzen (want dat was het geworden) aan het begrip 'solidariteit' en aan de PvdA.
Het loslaten van linkse opvattingen was niet het moeilijkste, merkte ik; lastiger was het weggroeien van linkse vrienden, geen ruzie maar sluipende vervreemding.

Een recenter voorbeeld zou ik het motto kunnen geven: ben ik eigenlijk nog wel spiritueel genoeg?
Preciezer: wil ik mezelf nog boeddhist noemen?
De vraag stellen is hem beantwoorden: eigenlijk niet dus.
Het is een variant op: wie na z'n zestigste nog rechts is, heeft geen mind.
Maar wie op z'n tachtigste nog in mind gelooft, heeft geen body.

Wat me opbreekt is dat ik primair ontologisch interesse in het boeddhisme heb gekregen, via onder het lezen van Nagarjuna: over de aard van de werkelijkheid. De soteriologische kant vond ik wel belangwekkend maar omdat ik steeds stelliger ontdekte niet in wedergeboorte te kunnen/willen geloven, viel de bodem daaronder weg.
Later verdiepte ik me intensief in de Theravada-variant van de twee-waarheden-leer in de Abhidhamma, dat was intellectueel uitdagend maar is op den duur steriel geworden.
De ethiek heeft m'n hart wel, maar daar doen anderen weer nauwelijks aan.
En dan is er de vervelende populariteit van liefdevolheid (metta) en compassie, waarbij de dalai lama het hele boeddhisme reduceert tot compassie. Daar zie ik het nut wel van in - het is bij mij een soort collateral damage van m'n meditatie geweest - maar het is zeker niet de kern, die is en blijft leegte / annica.

Kortom: van het boeddhisme heb ik, net zoals destijds van de sociaaldemocratie, afscheid genomen. Van de opvattingen en ook wel - grotendeels - van de mensen die er bij hoorden.
Nu maakt 'het reëel bestaande boeddhisme in Nederland' het ook wel makkelijk dat m'n behoefte erbij te horen, verdwenen is.
Sommigen zouden dan zeggen: geen meningen (meer) hebben is juist heel boeddhistisch. Maar dat klopt wat mij betreft niet, want over de (politieke) wereld en de wetenschap heb ik nog wel m'n gedachten, soms zelfs uitgesproken.

======================================================================

Over ontlasting: waarom wel kook- maar geen poep-rubrieken in boeddhistische tijdschriften?

Omdat het over 'de leraar' zou gaan, was ik nieuwsgierig naar het zomernummer van 'Zensor ', het blad van Zen Amsterdam. Hier .
Het gaat inderdaad over hun leraar, Niko (Tydeman, een overbodige achternaam in deze kringen).
Helaas niet over overbodigheid van leraren, de kunst zich overbodig te maken.
Wel met een uitgebreide kookrubriek.
Ook zij al. Van het BD was ik het langzamerhand gewend: gelukkig weer een artikel dat ik niet hoef te lezen. En andere bladen hebben het ook regelmatig.

Dat vind ik nogal eenzijdig.
Waarom besteedt een boeddhistisch tijdschrift alleen aandacht aan een aspect van de menselijke spijsvertering en stofwisseling, het bereide eten.
En nooit een artikel over de andere kant: de ontlasting ?
(en vergeet de urine niet, die wordt soms wel en soms niet als onderdeel van de ontlasting beschouwd)


Nu ben ik daar wat meer op gericht omdat de laatste week van m'n ziekenhuisverblijf ik o.a. over mijn ontlasting moest rapporteren, nadat eerder ook m'n hoeveelheid uitgeplaste urine werd gemeten. En nu heb ik plaspillen meegekregen (en poeders om goed te poepen maar die gebruik ik niet omdat het zonder ook prima gaat, diverse drollen per dag).

Kortom: als het ideale boeddhistische tijdschrift zonodig een kook- (of rauwkost) rubriek moet hebben, dan graag ook aandacht aan de ontlasting, niet te vergeten aan de voorbereiding ervan.
En aan mindful poepen zelf natuurlijk. Hoewel: dat is wel discutabel want in tegenstelling tot het eten moet het er niet al te langdradig aan toe gaan, dat schijnt weer ongezond te zijn, aambeien te veroorzaken bv, toch al een beetje een meditatie-kwaal.

======================================================================

Secular Buddhism: An Introduction
door Jay Forrest ; Paperback: 100 pages

Publisher: CreateSpace Independent Publishing Platform (May 9, 2016)

Te koop via Amazon.com (boek)
of Amazon.nl (kindle)
Bol.com lijkt het niet te leveren.

Een interview met Jay Forrest is te beluisteren op secularbuddhism.org

Ik was benieuwd toen ik de aankondiging in secularbuddhism.org las; tenslotte: ondanks m'n afstand nemen in bovenstaande tekst, misschien ben ik toch nog wel een 'seculier boeddhist' (zelf noemde ik dat liever 'vrijzinnig boeddhist ')
Wel had ik bij voorbaat enige argwaan gezien de levensbeschouwelijke carriere van Jay Forrest die op een gegeven moment 'born again Christian' is geworden, niet bepaald een aanbeveling voor mij; maar het lijkt er op dat hij de ideeën van die sekte ook weer achter zich heeft gelaten.
Hij schrijft persoonlijk maar tegelijk nuchter. Over z'n eigen pad en over de kenmerken van 'secular buddhism' zoals zich dat in het Westen ontvouwt. Met een nadruk op het Westen, van het Aziatische lijkt hij niet veel te moeten hebben. Van metafysica ook niet, bewaart hij dat voor z'n christelijke kern of heeft hij dat echt achter zich gelaten?

Op z'n minst kan ik dit boek 'informatief' noemen; bij de term 'inspirerend' heb ik wat twijfel.

Hieronder de inhoudsopgave en het laatste hoofdstuk waarin Forrest op een interessante wijze afstand neemt van Stephen Batchelor (waaraan hij z'n boek heeft opgedragen).



zondag 1 mei 2016

Mei * Getrouwd, boeddhist, (kinderen): wat een thema  * Is het concept 'tijd' van Dogen begrijpelijk ?             * Wat redactionele en persoonlijke zaken   * Nieuws


GETROUWD,  BOEDDHIST  (EN KINDEREN),  WAT  EEN  ONDERWERP !

En waar begin je aan, aan dit onderwerp welteverstaan.
Want als er één thema ideologisch geladen is, is het wel dat van het huwelijk.
En als er één onderwerp is waarmee ik m'n eigen onvolmaaktheid zou kunnen verduidelijken, is het wel dat van mijn huwelijk en ouderschap, maar dat ga ik niet doen.
Meteen maar voor de duidelijkheid: ik hanteer een ruime hedendaagse Nederlandse benadering, ik heb het hier zowel over het wettelijk huwelijk als over andere (tamelijk continue) samenlevingsvormen, zowel dat van vrouw plus man als over homoseksuele relaties.
________________________________

Aanleiding voor deze tekst was de melding in de facebook-groep 'Nederlandse Boeddhisten Netwerk' van het artikel 'The Buddhist Concept of Marriage ' door Ven K Sri Dhammananda.
Hier te vinden . (Achteraf blijkt dit een soort samenvatting van een - ook heel braaf - boek van Dhammananda uit 2005 te zijn: 'A Happy Married Life - A Buddhist Perspective '.)
Nooit te beroerd ergens een mening over te geven, reageerde ik - na lezing van het artikel - met  'Een weinig informatief artikel, ook opiniërend is het onduidelijk.'

Daarop kreeg ik te horen: 'Ach Joop, zou jij dan svp een informatief en opiniërend artikel over dit onderwerp hier willen plaatsen?
Dan zal ik daarna deze link weer verwijderen.    Thx!...
'

Die uitdaging nam ik aan, ik plaatste een aantal artikelen, met de opmerking:
'Ik heb gezocht naar artikelen die door een (ervarings)deskundige zijn geschreven, dus niet door een celibatair.
De hamvraag is natuurlijk of de gehechtheden en begeerte waarbij men bij het huwelijk aan denkt, het boeddhistische pad bemoeilijken ...
'

De weken hierna ben ik verder gegaan met mijn zoektocht, me realiserend dat ik me in een ideologisch bos rondstruin met dit thema.
De zoektocht werd vergemakkelijkt doordat diverse bronnen (bv Wikipedia) vermelden:
'De boeddhistische visie op het huwelijk beschouwt het huwelijk een seculiere zaak, en als zodanig wordt het niet beschouwd als een sacrament.
Van boeddhisten wordt verwacht dat ze de burgerlijke wetten met betrekking tot het huwelijk, vastgesteld door hun respectieve regeringen, volgen.
'
________________________________

Maar het is toch niet overal zo makkelijk: 'Burma passes controversial law on marriage of Buddhist women to non-Buddhists , kunnen we recent in 'Lions Roar'  lezen: boeddhistische vrouwen moeten eerst toestemming krijgen voor ze met een niet-boeddhist mogen trouwen. Hoewel het niet met zoveel woorden in de regeling staat, is dit bedoeld als anti Rohingya Moslims.
Ook het huwelijk kan een gepolitiseerd thema worden.
________________________________

Maar over zo een beladen thema wil ik het helemaal niet hebben. Ik heb een kleine vrij burgerlijke beschouwing in gedachten over de vragen:
* wat zijn de voor- en nadelen van het beoefenen van het boeddhisme van het
   getrouwd zijn met een boeddhist c.q. met een niet-boeddhist.
* wat zijn de voor- en nadelen van het beoefenen van het boeddhisme van het
   hebben van kinderen.
(Mijn positie en dus mogelijk mijn belang: ik ben getrouwd en heb kinderen en kleinkinderen)
________________________________

Zo maar wat gedachten en wat links.
Ongehuwd zijn en kinderloos zijn betekent natuurlijk dat men meer tijd kan steken in de beoefening, en ook makkelijk langdurig (voor bv een retraite) weg kan.
Aan de andere kant: partner en kind bieden in het dagelijks leven veel mogelijkheden tot mindfulness, geduld en omgaan met emoties. En vooral: omgaan met (loslaten van) gehechtheden.

In de Pali Canon wordt de huwelijkse staat wel positief benoemd maar tegelijk wordt het als monnik celibatair door het leven gaan superieur geacht. De sfeer in de Theravada is: het kan als leek maar eigenlijk moet je als monnik je Dhammische pad gaan en arhat proberen te worden.
De discussie daarover wordt vertroebeld door de vrouwvijandigheid en angst voor vrouwen in de monniken-cultuur. Zo worden in wat het handboek voor de Theravada kan worden genoemd, Buddhaghosa's VisuddhiMagga , 'achttien fouten van een klooster' genoemd die in meerderheid neerkomen op: de aanwezigheid van vrouwen (in de buurt).

Verder zou de discussie zuiverder worden als een onderscheid wordt gemaakt tussen
(a) wel of niet celibatair zijn èn
(b) wel of niet in de wereld willen staan inclusief problemen bij het verwerven van levens-
     onderhoud en het dragen van verantwoordelijkheid voor andere mensen(kinderen).
________________________________

Het hele thema zou ik in deze vraag kunnen herdefiniëren:
kan men z'n (m/v) gezin ook als een sangha beschouwen?
Het is verleidelijk daar 'ja' op te beantwoorden maar het lijkt me niet verstandig het zo te zien.
Natuurlijk zijn er overeenkomsten: bij beide is er sprake van onderlinge verbondenheid (als het goed is); bij beide moet de jongere generatie de ouderen los kunnen laten (een gegeven dat niet in alle sangha's bekend is). Maar er zijn verschillen, essentieel is dat het doel van een gezin - economische en geborgenheid biedende eenheid - dan die van een sangha die men een lotgenotengroep (samen op pad) zou kunnen noemen.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Verdere bronnen

Eerst een paar korte verwijzingen
Een link die ik heb gevonden, van een mij verder onbekende Jay Forrest:  Buddhist Marriage. Sterk (voor mij: te) positief denkend.

'Buddhist view of marriage '. Opvallend dat dit Wikipedia-lemma heel kort is en ook weinig diepgang vertoont (een citaat van de dalai lama bv. over hoe positief het getrouwd zijn is).

'Essays on Marriage (Companions of Zen Training) , 1999
by Seikan Hasegawa, een uit Japan naar de VS gemigreerde Zen-meester. Te vinden via de site van Amazon. Het is vermoedelijk voor Amerikaanse jongeren met Japanse wortels bedoeld.
________________________________

Al eens genoemd in eerdere blog: '5 Perks of Being Married to a Non-Buddhist ' door Brent Oliver. Hier te lezen; prettig nuchter vergeleken met de meeste bronnen die ik hier verder noem. Hij beschrijft bv de voordelen van het feit dat zijn vrouw geen boeddhist is.
De vijf voordelen van het feit dat zij geen boeddhiste is, in deze liefdesverklaring:
1. She’s on the outside
2. She keeps me grounded
3. She’s doesn’t need no stinkin’ Buddhism
4. She helps focus my practice
5. She thinks this is all hilarious
Voor mij allevijf zeer herkenbaar.
________________________________

'Marriage in the Western Buddhist Order'    Uit 2000
door Subhuti    De WBO, nu (ook in Nederland) genoemd Triratna. Een strenge procedure die ik - om ergernis te voorkomen; het komt op mij nogal neurotisch over - maar onvertaald laat:

" ... This then is the proposal of the Public Preceptors’ College, after consultation with Sangharakshita and members of the College Council. There should be a marriage ceremony in the WBO in the West, in which a vow of sexual fidelity is made, together with a commitment to deepening mutual respect and partnership in raising children. The parties to the ceremony should be a man and a woman, one at least of whom is an Order member and the other at least a Mitra approaching ordination, who either already have a family or intend to start one. Those seeking a marriage ceremony should have the blessings of their Chapters, Kalyana Mitras, and Preceptors or Mitra Convenor, who will then have a duty to help the couple maintain their vows. We are still considering the precise form a wedding ceremony might take and are open to advice. We propose that anyone who is thinking of marrying in this way contacts a Public Preceptor to discuss the matter further. We will work out the procedures and ceremonies as experience unfolds.
We have chosen a quite strict interpretation of what is a Buddhist marriage, since we want to be sure that it is meaningful as the act of individuals fully committed to the spiritual path. We are not offering a mere Buddhist gloss on an ordinary social occasion. ...
"
________________________________

Een veel mildere benadering is een ceremonie van de FPMT (de Gelukpa-organisatie waar het Nederlandse Maitreya onderdeel van uit maakt):
' EEN BOEDDHISTISCHE HUWELIJKSCEREMONIE'    Hieruit :
"Een paar woorden over de boeddhistische huwelijken
o Het boeddhisme is een pad van transformatie van iemands innerlijk potentieel
o Het is een pad dat zich toelegt op het dienen van anderen, hen te helpen

    hun potentieel te wekken
o Het huwelijk is het voertuig om het dienen van anderen te oefenen. Het is een oefenterrein.
o Liefde wenst anderen geluk
o Het huwelijk is een gelijke inzet voor het geluk van je partner, in de richting

    van zijn/haar ontwaken.
o Ons innerlijke potentieel wordt ontwikkeld door middel van het nemen van

    uitdagingen, niet alleen door middel van vreugde.
o We hebben mensen nodig om compassie te oefenen
Aangezien het hier te sluiten huwelijk is gewijd in de richting van het geluk van alle levende wezens, zijn de hier aanwezigen te beschouwen als de vertegenwoordigers van alle levende wezens. ...
"
________________________________

Nog de beste objectieve en m.i. niet projecterende verhandeling - wel vanuit impliciete Westerse middle class optiek - van huwelijk en boeddhisme komt uit de brochure
'Buddhist Perspectives on Contemporary Religious and Moral Issues '  (2009)  door
Katharine Porter.  Hier te vinden .  Daaruit: 'Chapter 2 - Marriage and the Family'

"Hoofdstuk 2  -  Huwelijk en het gezin ";     inhoudsopgave:
"Boeddhistische attitudes ten opzichte van seks buiten het huwelijk
* Voorhuwelijkse seks
* Overspel
Boeddhistische attitudes ten opzichte van het huwelijk
* Boeddhisten zullen waarschijnlijk als doeleinden van het huwelijk zien ...
Boeddhistische attitudes ten opzichte van het gezinsleven
* Boeddhistische leer over het gezinsleven
* Nuttige citaten
* Boeddhistische opvattingen over het belang van het gezin
Boeddhistische attitudes ten opzichte van scheiding
* De meeste boeddhisten staan scheiden toe, omdat: ...
* Sommige boeddhisten zijn tegen echtscheiding, omdat ...
"

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Update 3 mei    "Rules for Pregnant Nuns & Married Monks
In the vast library of books on Buddhism—or on any monastic tradition, for that matter—surely only one contains a chapter entitled “Nuns Who Become Pregnant.” It appears in Shayne Clarke’s Family Matters in Indian Buddhist Monasticisms , an exegesis of rules governing monks’ and nuns’ family relations, contained in the vinayas, or monastic law codes, of early Indian Buddhism. The book may also be unique in that its index directs readers to monastic jurisprudence regarding “self-insemination”; “parents with children on alms rounds”; “making/using dildos”; and “nursing nuns,” and many other topics one usually doesn’t associate with contemplatives. But then part of what makes the vinayas special and distinguishes them from the sutras, or discourses of the Buddha, is that they leave no stone of human behavior unturned. The vinayas are hardly dry, legalistic texts. From the sound of it, in fact, we 21st-century types have nothing on the shenanigans and tangled private lives of the Buddha’s disciples some 2,500 years ago. Clarke, a professor of religious studies at McMaster University in Hamilton, Ontario, has devoted a good part of his career to reconsidering the role of family in early Buddhist monasticism. Much of his work takes aim at a prevailing academic notion that the original sangha members were required to sever all ties with kith and kin, that the Buddha insisted they should be islands unto themselves. For a scholarly book, Family Matters is a romp, detailing many of the rich narratives or “frame-stories” behind each of the hundreds of vinaya rules—the “call,” so to speak, that inspired the “response” that is each of the Buddha’s regulations for monastics. What to do when, say, a nun (who is not supposed to touch a male) gives birth to a baby boy; or when a father ordains only to discover, on his alms round, that the laity are scandalized by the toddler in his arms?
"

Bron: Tricycle zomer 2016 . Zie ook Amazon.nl  en H-Review

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Update 7 mei   'Tensions between Families and Religious Institutions '
door  Franz Metcalf & Vanessa Sasson
Te vinden in het  'Journal of Global Buddhism'

Uit de opening: "It has been well noted at this point that Buddhist studies has suffered from a disproportionate emphasis on its idealized ascetic representations. Family life has, as a result, been marginalized (if not entirely ignored).
Recent scholarship has been broadening the conversation, challenging the worldview presented by popular textbook materials such as Walpola Rahula’s What the Buddha Taught. The attempt to sever worldly attachments is certainly a key Buddhist goal, but it is not necessarily the practice around which all Buddhists organize their lives. Family ties have surely always bound Buddhist communities together, regardless of how impermanent those families might be or how easily such ties can lead to dukkha. Placing the spotlight on family life brings these ties and practices into focus.
The articles in this collection do a wonderful job of describing messy moments that arise when families and religious institutions interact. Each article in its own way reminds us that religious communities are filled with families and that these families necessarily contribute to the organization of those communities. To use a classical Buddhist formula, Buddhist institutions and Buddhist families are deeply and inevitably interconnected. They can never be pulled apart into neatly separate categories. Buddhist clerics may function as institutional authorities in certain contexts, but the articles here remind us that clerics do not have their authority handed over to them in a social vacuum. On the contrary, Buddhist institutional power, in its various community settings, is invariably replete with social and familial ties and dynamics.
"

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Boeddhistisch ouderschap

Er zijn wat (zelfhulp-achtige) boeken over boeddhistisch moederschap, maar weer niet over vaderschap. Dus die teksten laat ik maar buiten beschouwing.
Voor geïnteresseerden: zelfs Nederlandstalig over moederschap, bv 'Boeddhisme voor moeders ' van Sarah Napthali en 'Zen mama ' van Karen Maezen Miller.

Ik ken geen boeken, maar alleen een korte tekst over vaderschap, van Bodhitv vóór 2016
En een podcast van de hierboven ook genoemde Jay Forrest over kinderen opvoeden als boeddhist:
Buddhist Parenting

Toch is dit thema speciaal interessant omdat het opvallend is dat de meeste boeddhistische leraren, zelfs de gehuwden, geen kinderen hebben. Terwijl dat wel van pas komt om echt te weten wat samsara is. Misschien komt dit ook doordat veel van deze leraren op latere leeftijd trouwen met een veel jongere leerlinge.
Anders gezegd: zelf kinderen hebben (gehad) is leerzaam voor een leraar; altijd alleen maar met de Dharma en met het leraarschap bezig zijn is wel een heel smalle levenservaring en daarmee beperking voor het omgaan met een beginnend mediterende.
(Zoals bekend heeft een gevorderd mediterende in mijn opvatting geen leraar meer nodig).

Er zijn leraren-vaders die hun zoon tot hun opvolger als leraar klaarmaken en benoemen. Voor mij als Westerling oninvoelbaar en onwenselijk.
Zelfs is het de vraag of het wenselijk is om als Westerse op (jong)volwassen leeftijd zelfbekerend boeddhist te proberen, ook een boeddhist van je kind te maken. Ik heb het in ieder geval niet gedaan en zie het ook nauwelijks om me heen.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Echtscheiden en andere vormen van uit elkaar gaan

Scheiden. Ook dat komt voor onder boeddhisten of bij relaties waarvan één van de twee boeddhist is.
En denk maar niet dat het dan wel makkelijk is.

A.  Eerst de opvattingen van 'het' boeddhisme over dit fenomeen.

Uit genoemde brochure van Porter: "Boeddhistische attitudes ten opzichte van scheiding
De meeste boeddhisten staan scheiden toe, omdat:

􀂃 De Boeddha echtscheiding niet verbiedt.
􀂃 Boeddhisten het huwelijk beschouwen een contract en contracten
    kunnen worden beëindigd, zodat de echtscheiding aanvaardbaar is.
􀂃 Als een echtgenoot een van de Vijf Voorschriften heeft gebroken, bijvoorbeeld
    door het plegen van overspel (seksueel wangedrag),
    beschouwen sommige boeddhisten echtscheiding aanvaardbaar.
􀂃 Samenleven in haat en tweedracht zal waarschijnlijk negatieve gevolgen hebben voor
    alle betrokkenen, zodat de echtscheiding een meer mededogende optie zou kunnen zijn.
􀂃 Boeddhisme gaat over het overwinnen van lijden en het niet vastklampen aan situaties die
    lijden veroorzaken, zodat scheiden de voorkeur kan krijgen boven het samen ongelukkig zijn.
Sommige boeddhisten zijn tegen echtscheiding omdat:
􀂃 Boeddhisten zien het huwelijk als een contract tussen twee mensen die een verbintenis
    tot elkaar hebben gemaakt, zodat een huwelijk, idealiter, voor het leven hoort te zijn.
􀂃 Boeddhisten moet de metta (liefdevolle vriendelijkheid) en karuna (mededogen)
    beoefenen in de richting van hun man of vrouw en dus zou echtscheiding niet nodig zijn.
􀂃 Scheiding breekt families en de veroorzaakt lijden.
􀂃 Ze worden beïnvloed door de cultuur en de attitudes van het land waarin ze wonen.
"

B.  Dan de vraag hoe er mee om te gaan. Ook hier voornamelijk Amerikaanse literatuur.

Bekend is het boek van Pema Chodron over haar traumatische scheiding, Als je wereld instort
Uit de Samenvatting in Bol.com : "De auteur geeft maar één advies: daal af in je verdriet. Want juist daarin ligt de sleutel tot geluk. Zie de realiteit onder ogen en misleid jezelf niet, want dat is de bron van het lijden. Door niet te vluchten voor wat je dwarszit, zal het lijden vanzelf verdwijnen. Dan ontdek je, midden in de chaos, onverwoestbare liefde en waarheid. Met behulp van Chödröns heldere adviezen leer je moeilijke tijden en pijnlijke emoties gebruiken als sleutel tot wijsheid, zelfkennis en innerlijke vrede. "

'Storms Can't Hurt the Sky: A Buddhist Path Through Divorce ' . In  dit boek  "Gabriel Cohen bravely delves into his personal experience-along with insights from Buddhist masters, parables, humor, social science studies, and interviews with other divorcés-to provide a practical and very helpful guide to surviving the pain of any break-up. Focusing on the emotions most common in the dissolution of a relationship-anger, resentment, loss, and grief-Storms Can’t Hurt the Sky shows how thinking about these feelings in surprisingly different ways can lead to a radically better experience. This compulsively readable book offers sound advice and much-needed empathy for anyone dealing with a break-up. "
Zie ook een interview met Cohen in 'Lion's Roar '

'Zes boeddhistische lessen die kunnen helpen bij het verzachten van de pijn
  bij een scheiding
'   door  Andra Brosh
"Iedereen die door een proces van scheiding is gegaan, weet heel goed dat het de slechtste kanten van het zelf kan oproepen. Echtscheiding wordt consequent geassocieerd met de strijd, negativiteit, slecht gedrag, en een gevoel van verlies van integriteit. Dit is volkomen begrijpelijk, omdat de beleving van echtscheiding zo vaak een beroep doet op gevoelens van angst, schaam-te, woede en wrok. Als een huwelijk eindigt, komen deze gevreesde emotionele toestanden ongecontroleerd aan de oppervlak zonder waarschuwing of zelfs zonder zich er bewust van te zijn. Leren om deze onaanvaardbare toestanden te managen, is een cruciaal aspect van de overgang door een echtscheiding met integriteit en een intacte gevoel van eigenwaarde.
Aangezien scheiding zo'n intense toestand van lijden genereert, lijkt het logisch zich te wenden tot de leer van de Boeddha voor hulp bij deze pijnlijke levens-overgang naar een kans om te leren en groeien. Toevallig komen de Boeddha's wijsheid en de leer van het boeddhisme voort uit de teleurstelling bij de jonge prins Siddhartha, toen de realiteit van de pijn en het lijden in de wereld het perfecte beeld wereld dat zijn vader hem had proberen te geven, werd verbrijzeld. Dat is niet al te verschillend van de illusie die we voor onszelf creëren met nog steeds blijven dromen van het huwelijk èn de harde realiteit die wordt geleverd met een echtscheiding. ...
Hier zijn zes boeddhistische lessen die u kunnen helpen open blijven, en uw lijden te verminderen, terwijl je de overgang van de echtscheiding probeert te managen:
* Gehechtheden ...
* Compassie ...
* Karma ...
* Mindfulness ...
* Aversies ...
* Vergankelijkheid ...
"
In Bijlage 1 worden deze zes 'teachings' bijna volledig (onvertaald) weergegeven.


Tenslotte nog een speciale casus: het gezin verlaten om monnik of non te worden. Vooral opvallend wanneer de man of vrouw nog verantwoordelijkheid draagt voor jonge kinderen.
De historische Boeddha, Siddarta Gautama, deed het zelf, volgens de teksten; en niet elke (Westerse) boeddhist vindt dat een goed voorbeeld.  Katinka Hesselink  ziet het positiever.
Het motief is duidelijk (idealiter): het transcendente doel - Nibbana - is belangrijker dan het wereldse, inclusief wereldse normen en waarden.
Ook nu vindt dat nog plaats; ik heb daar - als er kinderen bij betrokken zijn - ethische twijfel bij.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Overigens: de link op facebook is nog niet verwijderd.

=======================================================================

DE TIJD , MOMENT  EN/OF  STROMEND,  BIJ  DOGEN

In het April-nummer van dit nog steeds maar uitkomende maandblad schreef ik over boeddhisme en de filosofie van de tijd. Dus ook over het contempleren wat 'tijd' is.
Daarin hoort ook aandacht voor het artikel Uji van Dogen, te vertalen als bv 'Zijn-tijd '.
Meestal zijn het alleen Zen-beoefenaren en -geleerden die zich met het interpreteren van Dogen (13e eeuws Japans monnik) bezig houden. Maar omdat ook Zen-beoefenaren vrijelijk uitspraken doen over de Pali Canon, kan het omgekeerd ook wel, zo dacht ik. Tegelijk toegevend dat ik het grootste deel van wat Dogen heeft geschreven niet begrijp of onjuist vind (over BoeddhaNatuur bijvoorbeeld).
Het gaat 'maar' om zeven bladzijden, ik maak gebruik van de vertaling door Boudewijn Koole in zijn boek 'Dogen Kigen: De schatkamer van het oog van de ware leer - Selectie uit de Shobogenzo '
Hieronder de zeven moeilijke pagina's, zonder notenapparaat.



Er is veel over dit traktaat geschreven. Ik beperk me tot het artikel
'THE EXISTENTIAL MOMENT: REREADING DOGEN’S THEORY OF TIME '
door Rein Raud
Een samenvatting in de vorm van drie citaten uit het artikel van Raud, met wat kommentaar van mijn kant. In Bijlage 2 , hieronder, de vertaling van Raud van de sleutelpassages uit Dogen's Uji die ik wegens de moeilijkheidsgraad niet in het Nederlands heb durven te vertalen.

Dogen houdt zich zoals velen voor hem en velen na hem hier bezig met het raadsel 'tijd'. Dat Dogen daarbij ook Zen-beoefenaar is, is misschien van betekenis bij zijn interpretatie maar misschien ook niet.
Raud heeft het over de dubbele betekenis, de twee aspecten, van tijd: enerzijds het momentane benadrukkend en anderszijds het lopen van de tijd; in het Engels the momentary c.q. the durational.
De Engelse sleutelterm 'durational ' in betoog van Raud vind ik lastig te vertalen; hij bedoelt duur of tijd in de zin van tijdsduur; het meest adekwaat vind ik nog 'het verstrijken van de tijd betreffend ', samengevat als 'tijdsduur '.

In een context van Zen-niet-weten en uitleg d.m.v. paradoxen (bv "Zijn-tijd heeft de eigenschap van voorbij stromen zonder voorbij stromen") heeft Dogen het over voortdurende spanningsveld van deze twee aspecten.

"Eigenlijk zouden kunnen zeggen dat twee registers van het zijn van in het Aristotelische model overeen komen met de twee niveaus van de waarheid geponeerd door Nagarjuna - het 'ultieme' (dimensieloos en ontoegankelijk voor linguïstische conceptualisering) en de 'gedeelde'  (waarheid-relaties waarmee grip te krijgen is op de conventioneel geconceptualiseerde wereld).
Terwijl in geen enkele filosofische cultuur één van beide zijden volledig buiten beschouwd blijft, is het toch duidelijk dat de meer operationele 'gedeelde' waarheid de voorkeur van de meeste westerse stromingen heeft, terwijl de boeddhistische filosofie de voorkeur geeft aan het minder toegankelijke 'ultieme' als uitgangspunt.
Mijn lezing van Dogen is gebaseerd op de veronderstelling dat het deze splitsing overwinnen - net zoals voor hem Tendai heeft gedaan - een van zijn belangrijkste doelstellingen en zorgen is; en dat zijn theorie ontologisch gegrond moet zijn op de convergentie van de twee registers van het zijn: het momentane en de tijdsduur. ...
"

In alle bescheidenheid: dat boeddhistische filosofie de voorkeur geeft aan 'het ultieme' als uitgangspunt, boven het conceptuele, is m.i. een slordigheid (en meer) van Raud. Ze worden vaak naast elkaar gezet, onverbreekbaar verbonden; en sommigen (bv Kalupahana) moeten niet veel van 'het ultieme' hebben omdat daar nogal hindoeïstische invloed uit spreekt. Bovendien is de verhouding tussen de twee in de Abhidhamma bepaald wat anders dan bij Nagarjuna.
Degene die in dit thema geïnteresseerd is, leze pag 128-137 van Stephen Batchelor's After Buddhism. Conclusie: "If the Buddhist tradition had not adopted the doctrine of two truths, it is unlikely that any of these problems would have occured. There would have been no need either for the pronouncements of the Heart Sutra or the hairsplitting ruminations of learned geshes. ...
It is still possible to recover a pre-orthodox dharma, one that existed prior to the doctrine of the two truths, and build upon that foundation an adequate ethical, contemplative, and philosophical practice that would optimize human flourishing in a secular age.
"

Terug naar Raud (in mijn vertaling): "Tijd is, in de tekst van Dogen, een van die cluster-concepten die balanceert tussen de betekenissen van de kortstondige tijd en de tijdsduur en verwijst niet alleen naar de meetbare dimensie van de tijd die wordt geïmpliceerd door de definitie van Aristoteles. Integendeel, ik hoop ... aan te tonen dat in een bepaalde terminologische zin, de dominantie het concept kantelt naar de zijde van het momentane. Dit is ook meer in lijn met een aantal van de verklaringen van Dogen's over het onderwerp.   ... "

"Conclusie
Ik hoop te hebben aangetoond dat ons begrip van Dogen's tijd-theorie veel te winnen heeft als we het idee verlaten dat het concept van de tijd, voor hem, vooral 'tijdsduur' is.
Door het begrip Uji uit te leggen als een 'existentieel moment', dat is in tegenstelling staat tot meetbare en deelbare tijd, krijgen we veel meer lucide lezingen van vele belangrijke passages van het traktaat en ontsnappen aan tegenstrijdigheden met veel centrale boeddhistische posities (zoals het ontbreken van zelf-aard in de dingen).
... Verder maakt deze lezing een innovatieve behandeling van het concept van het zelf mogelijk, zoals uiteengezet in het traktaat: we kunnen het zelf zien als een actieve openbaarheid van een bestaand verschijnsel naar de omringende wereld, waarmee het zich kan identificeren door een onderlinge relatie met andere bestaande verschijnselen binnen het existentiële ogenblik. Dit alles is onmogelijk of in ieder geval moeilijk zolang wij Uji interpreteren als een soort tijdsduur, een tijdsverloop dat afzonderlijk inherent is aan elk bestaand [ding].
"

Of de vertaling van Raud - hier opgenomen in bijlage 2 - met nadruk op het momentane in plaats van het verstrijken van de tijd beter is dan de bestaande kan ik niet overzien. Wel vind ik het zeer waardevol dat hij de nadruk vestigt op dit onderscheid. Persoonlijk ben ik niet zo gelukkig met de overwegend of-of benadering van Raud (die ziet de balanceer-act van Dogen wel maar identificeert zich m.i. met de momentane kant). Ik kies voor en-en.
Maar misschien bedoelde Dogen wel nog iets anders. Misschien had hij een glimp gezien van het bestaan van de tweede tijds-dimensie zoals ik die in m'n vorige blog aanduidde.
Ik weet het, het is tegen de metafysica aanzittende speculatie maar ik speel al jaren met dit idee van twee orthogonale ( ┴ ) tijdsdimensies


========================================================================

Wat redactionele en persoonlijke zaken.   Nieuws

Volgende maand mogelijk geen maandblad, dan lig ik in het ziekenhuis. Aanleiding om het nog eens over het begrip crisis te hebben, waar de vipassana-gemeenschap in Nederland zo slecht mee om kan gaan. Mijn crisis is dat m'n gezondheid achteruit is gegaan waardoor het oud worden niet geleidelijk maar nu met een sprong is verlopen (deels mogelijk reparabel, dank u). De kunst is nu deze crisis onder ogen te zien, zich realiserend dat
'het nooit meer zal worden zoals het geweest is'.  Met mijn vitaliteit in mijn geval en
met de zorgeloze leraren-yogi's structuur in het geval van de vipassana-gemeenschap.
Een voordeel van m'n hartprobleem dit moment is dat ik me nu even geen zorgen maak m'n leven in Alzheimer te eindigen.
________________________________

Zoals bekend heb ik veel op het BoeddhistischDagblad aan te merken, maar de discussie over ‘Retraitecentra worden wel steeds duurder ...’ ( gestart 16 april ) kan ik zeer waarderen. Bijv. deze reactie, "...Er is sprake van een qua kosten door- en dolgedraaide retraitemachine, waarvan gezegd wordt dat die normaal is." En niet alleen qua kosten zou ik er aan toe willen voegen. Ook  deze  mag er zijn. Trouwens, ook  de Nibbana-discussie  over een artikel van Edel Maex.
________________________________

Vraagje: moeten wij iemand die schrijft  "Waar het mij wel om gaat is de groteske manier waarop de auteur van het boek zwelgt in enormiteiten waarop vanuit vele invalshoeken kritiek mogelijk is ", serieus nemen? Het artikel is onoprecht.
Speciaal t.b.v Prast twee teksten van echte Boeddhologen over het glibberige concept 'Mahayana': door Jonathan Silk en door mijn voorbeeld-blogger Jayarava
________________________________

Het Meldpunt Seksueel Misbruik Boeddhistische Gemeenschap (Meldpunt BG) ontving de eerste vijf maanden na de opening zes meldingen over seksueel misbruik of seksueel grensoverschrijdend gedrag door boeddhistische geestelijken. Enkele daarvan betreffen nieuwe, nog onbekende gevallen. Omdat deze meldingen te makkelijk naar individuele melders te herleiden zijn, doet Meldpunt BG hierover geen inhoudelijke mededelingen. Deze bekendmaking door Meldpunt BG viel samen met het nieuws dat de Boeddhistische Unie Nederland (BUN) haar eigen landelijke vertrouwenspersonen wil aanwijzen. Woordvoerder Talinay Strehl (Meldpunt BG) reageert afwijzend op de rol die de BUN zichzelf als veronderstelde samenwerkingspartner van het meldpunt toedicht. Strehl onderstreept het onafhankelijke en vertrouwelijke karakter van de hulpverlening door Meldpunt BG.
Lees HIER verder

=======================================================================

Bijlage 1

Six Buddhist Teachings Can Help Soothe the Pain of Divorce   door  Andra Brosh

Pain is inevitable in life, but suffering is optional.” —The Buddha

Anyone who has been through a divorce knows very well that it can invoke the worst parts of the self. Divorce is consistently associated with contention, negativity, bad behavior, and a sense of loss of integrity. This is completely understandable, since the ex perience of divorce so often invokes feelings of fear, shame, anger, and resentment. When a marriage ends, these dreaded emotional states uncontrollably surface without warning or even awareness. Learning to manage these intolerable states of being is a crucial aspect of transitioning through divorce with integrity and an intact sense of self.
Since divorce generates such an intense state of suffering, it seems logical to turn to the teachings of the Buddha to help turn this painful life transition into an opportunity for learning and growth. ... [T]he illusion we create for ourselves with the ever-after dreams of marriage and the harsh reality that comes with divorce. ...

Here are six Buddhist teachings that can help you remain open, and reduce your suffering, as you manage the transition of divorce:

Attachments
When divorce strikes, the past, present, and future are all up for grabs. Everything you thought you knew to be true is now in question. In the face of ambiguity and uncertainty, your instinct will be to grasp at what you know and once had, but according to the Buddha these attachments create suffering. Learning to release your attachments to any particular outcomes in the past, present, or future will lead to a more peaceful existence. Trying to control things only invokes feelings of frustration because most of the things you are dealing with are completely out of your control. When you grasp and cling to what you think you “know,” you are creating unnecessary suffering.

Compassion
The Buddha recognizes that while it might be relatively easy to generate compassion for friends and loved ones, it is extremely difficult to have compassion for someone we dislike or who has mistreated us in some way. While the tendency might be to avoid this person (most likely an ex), the Buddha would see this person as the heart of his spiritual practice, a challenge to develop positive qualities. ... 
Compassion is fostered by remaining connected, no matter how painful it may be. Maintaining compassion through divorce is a feat, but it will ensure that your loving nature remains intact.

Karma
The law of karma is the universal principle of actions and reactions or causes and effects. Everything you do or say in your daily life is the cause of your own suffering or your own happiness. ...  While you may feel like a victim of your divorce, karma is your key to taking responsibility for what comes in and out of your world. ...  
Once you take responsibility for your actions, you can actively change your karma, and ultimately your present and future circumstances.

Mindfulness
Mindfulness is the capacity to remain in the present moment. It is the ability to pay attention and to become aware of the intention behind what we do. The Buddha would recommend that you utilize the clarity that mindfulness brings to stop clinging to the past and the future, to live presently in the here and now. ...  Mindfulness and its nonjudging, respectful awareness can help you to respond and to gain perspective, balance, and freedom. Stepping back and being an observer of events provides the greatest opportunity for acting with complete integrity and honor.

Aversion
One of the most fundamental teachings of the Buddha is that pain is an unavoidable part of the natural world, and suffering is our reaction to the inevitable pain of life. Divorce is one of those unavoidably painful life experiences, but as the Buddha would attest, it doesn’t have to involve suffering. Like touching a hot stove, our first reaction to pain is to move away. Our aversion to the pain creates more suffering and reduces the opportunity to heal. Suffering is directly related to resisting the reality of what you are dealing with. Instead, the Buddha would suggest doing what you can to restore balance, to let things take their course. Complete avoidance will only prolong the pain.

Impermanence
In Buddhism, impermanence is referred to as Anicca— the truth of impermanence. It is the belief that all of our experiences are constantly changing, and that nothing is permanent. One of the greatest causes of pain during divorce is the feeling that things will never be the same, and that what you feel now will last forever. The Buddha would apply the wisdom of Anicca to maintain a sense of calm and perspective through the grief and loss of divorce. Remembering that nothing in life is permanent will help you to not feel bogged down or to lose yourself in what feels like an eternal experience of pain and discomfort.

Bron: Andra Brosh     Licht ingekort

========================================================================

Bijlage 2

Vertaling door Raud van sleutelpassages over 'time' uit Dogen's Uji


I   The so-called “existential moment” means that each moment is in itself an existence and that all existences are momentary. The “golden body of the Buddha” is a moment, and because it is momentary it has its moment of ethereal glow. You should study this in the context of the twelve hours of the present. The “three heads and eight shoulders of an asura” are just a moment, and because of this momentariness, they are such during the twelve hours of the present. The twelve hours have length and distance, shortness and proximity, and even if you are not conscious of their measure, you still call this system “the twelve hours.” Because the marks of their going and coming are clear, people do not doubt them, but even if they do not doubt them, it is not the same as understanding them.
Even if sentient beings do not make it a general principle to doubt every thing and every
event that they do not initially understand, it does not follow that they necessarily agree
with everything before they start doubting it. Their doubts are no more than fleeting
moments as well.

II   The I unfolds and becomes the world in its entirety, and one should see that all beings, all
things constitute moments in this entirety of the world. Just as different things do not
i nterfere with each other, different moments do not interfere with each other either. This
is why the mind arises in the same moment, the moment arises in the same mind. And it
is the same with the practice and attaining the way. When the I unfolds, it sees itself as
“me.” The principle that the self is momentary works in the same way.

III   Because of how suchness is, there are myriad forms and hundreds of blades of grass in the
entirety of space, but you should also realize that the entirety of space is within each
single blade of grass, each single form. The perception of this oscillating interdependence
is the beginning of religious practice. When you have arrived in the field of suchness,
there are singular blades of grass, singular forms; there is rational grasping and nonrational
grasping of forms, rational grasping and non-rational grasping of blades of grass.
Because they are nothing else than precisely present moments of suchness, each existential
moment is the entirety of time; existing blades of grass, existing forms, are all m oments
together. In this time of all moments, there is the entirety of existence, the entirety of the
world. Look — is it or isn’t it the entirety of existence, the entirety of the world that is thus
dripping through the fleeting moment of the present?

IV   However, an ordinary man who has not studied the Buddhist teaching has such views on
time that on hearing the word “existential moment,” he thinks: “At one moment someone
was an asura, at another moment he was a Buddha. This is just like crossing a river, passing
a mountain. Even if the mountain and the river continue to exist, I have passed them;
my place is now in this jewel palace and vermilion tower. I and the mountains-rivers are
like heaven and earth to each other.”
Yet there is more to this principle than just such thoughts. At the mentioned moments of
climbing the mountain or crossing the river, there was also an I, and there had to be the
moment of the I. Whenever there is an I, the momentariness is unavoidable. If a moment
is not just a sign of the transition, then the moment of climbing the mountain is the immediate
present of the existential moment. If a moment fully contains all the signs of the
transition, then the immediate present of the existential moment is there for me. This is the
existential moment. The moment of climbing the mountain and crossing the river, the moment
of palace-tower, does it not swallow them up and spit them out [simultaneously]?

V   The asura is a moment of yesterday, the Buddha is a moment of today. However, the principle
of distinguishing between yesterday and today is the same thing one realizes at the
time when, having gone directly to the mountains, one gazes at the thousands, the myriads
of peaks in a range — nothing has gone by. The asura is one that completes its whole
duration within my existential moment, and although he appears to be somewhere else,
he is my immediate present. The Buddha is one that completes its whole duration within
my existential moment, and although he appears to be someplace else, he is my immediate
present.

VI   This being so, the pines are momentary and the bamboos are momentary as well. You
should not conceptualize a moment as something that flies by, nor study “flying by”
merely as the capacity of a moment. If moments could be fully defined by the capacity to
fly by, there would be gaps between them. If you do not accept the discourse of the existential
moment, this is because you are concentrating on what is already past. To sum it
up: the entirety of existences in the entirety of the world are particular moments that follow
each other. Because they are existential moments, they are also the moments of my
existence.

VII   The existential moment has the quality of shifting. It shifts from what we call “today” into
“tomorrow,” it shifts from “today” into “yesterday,” and from “yesterday” into “today” in
turn. It shifts from “today” into “today,” it shifts from “tomorrow” into “tomorrow.” This is
because shifting is the quality of the momentary. The moments of the past and the present
do not pile on each other nor do they line up side by side.

VIII   If you judge the moments only as something passing by, you will not understand them as
incomplete. Although understanding is momentary, there is no cause that would lead it
elsewhere. There is not a single being who has seen through the existential moment of the
dharma-configuration by considering it as going and coming.

IX   You should not conceptualize the phenomenon of shifting as the wind and the rain moving
from East to West. Nothing in the entire world is ever without movement, is ever
without advancing or receding — it is always in shift. This shift is like “spring,” for instance.
Spring can have a multitude of appearances, and we call them “shifting.” But you should
realize that they shift without involving any external thing [“shifter”]. In this example, the
shift of spring necessarily makes spring shift. Shifting is not in spring, but because it is the
shift of spring, this is how the shift becomes the Way now that spring is here.

Bron: Rein Raud